Algemeen

Identiteit

Identiteit

Stichting Hogeschool Viaa is een hogeschool met een uitgesproken karakter. Dat komt niet alleen doordat we grote waarde hechten aan kwalitatief goed onderwijs, advies en onderzoek. Op Hogeschool Viaa leven en werken we vanuit de Bijbel, die we erkennen als het betrouwbare en geïnspireerde Woord van God. Dit betekent dat we als medewerkers en studenten in onze omgang en begeleiding als christen willen leven en werken in navolging van Jezus Christus. Jezus’ liefde is voor ons de inspiratie voor ons handelen. Onze slogan is dan ook: ‘Als je gelooft in je werk!’

Hogeschool Viaa is een instelling voor hoger onderwijs die functioneert als een centrum van kennis en kennisontwikkeling. In de opleidingen die Hogeschool Viaa biedt, staat een duidelijke christelijke visie op mens en samenleving centraal. Van medewerkers van Hogeschool Viaa wordt verwacht dat ze actief lid zijn van een geloofsgemeenschap die de Bijbel erkent als het betrouwbare en geïnspireerde Woord van God, zoals dat verwoord is in het gereformeerd belijden en die de Apostolische geloofsbelijdenis beschouwt als een betrouwbare samenvatting van het christelijk geloof.

Aan de hogeschool studeren voornamelijk christelijke studenten, afkomstig uit de verschillende gereformeerde, reformatorische, protestantse kerken en evangelische groeperingen. Vele studenten kiezen voor Hogeschool Viaa vanwege het op de Bijbel gefundeerde onderwijs. Daarnaast zijn heel belangrijke redenen om voor Hogeschool Viaa te kiezen: de al jarenlang goede kwaliteit,  goede studierendementen en de ervaren persoonlijke betrokkenheid (bijvoorbeeld via de studiebegeleiding). Sinds 1998 richt de hogeschool zich in haar werving van studenten actief en nadrukkelijk op de genoemde doelgroepen.

Omdat Hogeschool Viaa een centrum van kennis wil zijn en daarmee een bijdrage wil leveren aan de samenleving vindt er ook gedegen praktijkgericht onderzoek plaats. Basis van de onderzoeken die Hogeschool Viaa uitvoert zijn vraagstukken uit de beroepspraktijk, op het gebied van onderwijs, zorg (verpleegkunde), welzijn, theologie en kerk. De opbrengsten van deze onderzoeken zijn van toegevoegde waarde voor het beroepenveld en leveren nieuwe inzichten op voor het vormgeven van het onderwijs aan Hogeschool Viaa. Samenhangend met opleiding en onderzoek biedt Hogeschool Viaa ook kennisdienstverlening (waaronder advisering) op dezelfde terreinen.

Kerngegevens

 

Kerngegevens

Kerngegevens
BRIN-nummer 22HH
Bevoegd-gezagnummer 30205
Naam instelling Hogeschool Viaa
Adres Weth. Alferinkweg 2, 8012 GA Zwolle
Telefoonnummer 038 - 425 55 42
E-mail info@viaa.nl
Website www.viaa.nl
Naam contactpersoon H. Veenstra
Telefoonnummer contactpersoon 038 - 202 46 64
E-mail contactpersoon h.veenstra@viaa.nl

Onderwijs- en dienstenaanbod

Opleidingen

De hogeschool kent de volgende bachelor- en masteropleidingen:

  • de hogere beroepsopleiding tot verpleegkundige (hbo-v), voltijd, versnelde (en verkorte) voltijd, deeltijd en voltijd-duaal;
  • de opleiding tot leraar basisonderwijs (pabo), voltijd, deeltijd, de variant ‘Opleiden in de school’ en sinds 1 september 2010 ook de Universitaire pabo;
  • de hogere, sociaal agogische opleidingen: waaronder vallen:
    • Maatschappelijk Werk en Dienstverlening (MWD), voltijd en deeltijd (laatste instroom: 2016/2017);
    • Sociaal Pedagogische Hulpverlening (SPH), voltijd en deeltijd (laatste instroom: 2016/2017);
    • De opleidingen MWD en SPH vormen sinds 1 september 2017 één bacheloropleiding Social Work.
  • de opleiding Godsdienst-Pastoraal Werk (GPW), voltijd en deeltijd;
  • de (niet-bekostigde) deeltijdopleiding bachelor Godsdienstleraar. Bij deze opleiding wordt samengewerkt met de Theologische Universiteiten van Kampen en Apeldoorn;
  • de Associate Degree Pedagogisch Professional Kind en Educatie, in samenwerking met de Katholieke Pabo Zwolle en ROC Landstede (KPZ is penvoerder);
  • de Master Educational Leadership (MEL) in samenwerking met Penta Nova;
  • de Master Leren en Innoveren (MLI) in samenwerking met Driestar Educatief en de Christelijke Hogeschool Ede;
  • de Master Interprofessioneel werken met jeugd, in samenwerking met de KPZ, vanaf september 2019;
  • de Master Leiderschap en Innovatie Kind en Educatie (penvoerder KPZ).

Lectoraten

Aan Hogeschool Viaa zijn (binnen de academies) drie lectoraten verbonden, met de daarbij horende kenniskringen:

  • het lectoraat Samenlevingsvraagstukken. Het lectoraat functioneert sinds 2008 als Centrum voor Samenlevingsvraagstukken (Academie Social Work & Theologie, start 2002);
  • het lectoraat Vormend Onderwijs (Educatieve Academie, tot aug 2018), vanaf september 2018 het lectoraat Goede onderwijspraktijken (Educatieve Academie);
  • het lectoraat Zorg & Zingeving (Academie Health Care, start 2009).

De lectoraten werken binnen de hogeschool samen op het terrein van interprofessioneel werken met jeugd. Daarnaast wordt samengewerkt met de lectoraten van de hogescholen in Ede en Gouda, met lectoraten van andere hogescholen of met afdelingen van universiteiten op gemeenschappelijke thema’s. Hogeschool Viaa participeert in het lectoraat Educational Leadership van Penta Nova, het samenwerkingsverband van de hogescholen InHolland, de Marnix Academie, Driestar Educatief, de Christelijke Hogeschool Ede en Hogeschool Leiden. Hogeschool Viaa is mede-initiatiefnemer van en participant in de Coöperatie Radiant. In de onderzoeksagenda Radiant is Persoonlijk Meesterschap de rode draad.

Kennisdienstverlening

De adviesdienstverlening bij Hogeschool Viaa heeft het karakter van kennisdienstverlening, voornamelijk via opleiding en onderzoek. Daarmee is de adviesdienstverlening ingebed in het werk van opleidingen en lectoraten. De wisselwerking tussen de hogeschool en de praktijk is niet alleen van belang voor stages, ook komen zo praktijkproblemen boven water die onderzocht kunnen worden. Daarmee draagt Viaa met nieuwe kennis bij aan de verbetering van de beroepspraktijk en stroomt deze nieuwe kennis naar de opleidingen. Die wisselwerking wordt nadrukkelijk beoogd.

Voor het onderwijsveld verzorgt de adviesdienstverlening cursussen, begeleiding van leerkrachten en teams van scholen, interim-management en begeleiding van Professional Development Schoolprojecten. Trainingen, scholing en advisering op de terreinen van zorg, welzijn, theologie en kerk worden ook verzorgd. Voorbeelden daarvan zijn de opleiding Praktijkondersteuner huisartsenpraktijk en de cursus Ouderenzorg, trainingen op het vlak van zingeving, en training met betrekking tot indiceren in de wijk. Op het vlak van het Social Work wordt dat ook gedaan vanuit de Werkplaats Sociaal Domein.

Stichting Viaa-Gereformeerde Hogeschool werd Stichting Hogeschool Viaa

De hogeschool gaat uit van de Stichting Viaa-Gereformeerde Hogeschool, kortweg Hogeschool Viaa genoemd, statutair gevestigd te Zwolle (Brinnr. 22HH). De statuten zijn in december 2018 aangepast, namelijk aan de naam Hogeschool Viaa.  

In 2012 is in overleg met het Ministerie van OCW en de Dienst Uitvoering Onderwijs de naam van de instelling – van waaruit de niet-bekostigde Godsdienstlerarenopleiding (dt) wordt aangeboden – gewijzigd in ‘Gereformeerd Hoger Onderwijs Zwolle’ (Brinnr. 27VY). Sinds 2014 heet deze instelling Viaa-Gereformeerd Hoger Onderwijs Zwolle. De besturing van deze instelling vindt plaats vanuit de Stichting Viaa-Gereformeerde Hogeschool, sinds december 2018 Stichting Hogeschool Viaa geheten.

Aan het eind van dit hoofdstuk is het jaarverslag opgenomen van instelling 27VY.

De scheiding tussen publiek en privaat is duidelijk in administratieve zin en naar onze overtuiging voldoende gewaarborgd. Dit is in nauwe afstemming met de ‘huis’ accountant geregeld. De ‘private’ activiteiten betreffen voornamelijk advies, onderzoek en scholingsdiensten voor de werkvelden waarvoor Hogeschool Viaa opleidt. Daarbij is er steeds een relatie met opleiding en onderzoek in de verschillende academies. In hoofdstuk 3, Onderwijs en onderzoek, is daarover inhoudelijk meer informatie te vinden.

Organisatie

College van Bestuur

De Stichting Hogeschool Viaa wordt bestuurd door het College van Bestuur als bedoeld in artikel 10.2, eerste lid van de WHW, onder toezicht van de Raad van Toezicht. Het CvB is belast met de voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het beleid van de hogeschool en de dagelijkse leiding over de organisatie en de medewerkers. De taken en bevoegdheden van het CvB zijn vastgelegd in de statuten van de Stichting en nader uitgewerkt in het Bestuur- en beheersreglement (overeenkomstig de Branchecode goed bestuur hogescholen, 2013). Deze is laatstelijk gewijzigd in oktober 2015, onder andere vanwege de invoering van de nieuwe naam Hogeschool Viaa.

De heer drs. J.D. Schaap MPM is sinds 1 oktober 2003 voorzitter van het College van Bestuur. Nevenactiviteiten: lid bestuurscommissie Arbeidsvoorwaarden van de Vereniging Hogescholen (tot maart 2018), lid bestuur Zestor (tot maart 2018) en lid bestuur ROC Menso Alting Zwolle. Daarnaast maakt de voorzitter CvB deel uit van het bestuur van de Coöperatie Radiant, het bestuur van het Praktijkcentrum voor Theologie, het bestuur van Penta Nova en de Zwolse8, een samenwerkingsgroep van Zwolse mbo- en hbo-instellingen. Dhr Schaap was met ingang van 4 januari 2018 met ziekteverlof. Vanaf september 2018 werkt hij 50%.

Als interim-bestuurder is benoemd met ingang van 5 januari, mevr. A. R. Langenberg-Klok (MScN). Vanaf 5 januari was zij voor 45% bestuurder a.i. en vanaf 1 juli voor 35%, naast haar taak als directeur Academie Health Care.

Nevenactiviteiten: lid van de raad van commissarissen Omega Groep B.V. Zwolle. Daarnaast maakt mevrouw Langenberg deel uit van het bestuur van de Regiocampus Meppel, het bestuur van het Landelijk Overleg Opleidingen Verpleegkunde, en is betrokken bij het Health Innovation Park te Zwolle.

Beleidsoverleg

Maandelijks wordt een uitgebreid Beleidsoverleg (BO) gehouden: het overleg van het CvB met de directeuren van de academies (opleiding, onderzoek en advies) en de managers van de centrale diensten. Het Beleidsoverleg heeft als taak om onder verantwoordelijkheid van het CvB het beleid van Hogeschool Viaa mede te initiëren, voor te bereiden, uit te voeren en te evalueren. Binnen het Beleidsoverleg worden ook de beleidsplannen van de verschillende afdelingen besproken en op elkaar afgestemd. De leden van het Beleidsoverleg adviseren het CvB over het te voeren beleid. Vanzelfsprekend zijn in principe alle beleidspunten die in de vergaderingen van de RvT of de MR aan de orde komen, ook in het Beleidsoverleg besproken en van advies voorzien.
Naast de uitgebreidere beleidsbijeenkomsten wordt wekelijks meer coördinerend de voortgang besproken, worden nieuwe ontwikkelingen doorgenomen en initiatieven voorgesteld.

Medezeggenschap

De hogeschool kent een centrale Medezeggenschapsraad. Het CvB overlegt regelmatig met de MR over zowel beleidsonderwerpen waarover de MR advies- of instemmingsrecht heeft als over zaken die door de MR worden ingebracht.

In april en oktober 2018 hebben de halfjaarlijkse vergaderingen plaatsgevonden van de Medezeggenschapsraad, de Raad van Toezicht en het College van Bestuur.
Op 13 april 2017 heeft de RvT gesproken met de leden van de MR over het functioneren van het CvB, in afwezigheid van het CvB, met name over de vervanging van de voorzitter. Tevens is de instroom besproken en is er aandacht geweest voor het op te stellen plan van eisen Interieur vernieuwing.
Op 13 oktober hebben de RvT en de MR in een gezamenlijke vergadering uitvoerig stilgestaan bij het concept Addendum Strategisch Plan (sectorplan; kwaliteitscriteria). Tevens is de waarneming CvB besproken.

Aan de hand van kwartaalrapportages (en overigens ook via mondelinge rapportages) krijgen de leden van de MR, het Beleidsoverleg en de Raad van Toezicht inzicht in de actuele stand van zaken met betrekking tot de financiën, de voortgang renovatie, hoofdlijnen en proces begroting 2019.

Evenals in vorige jaren hebben leden van het Beleidsoverleg en de MR in 2017 in een meer informele setting gesproken over interne en externe ontwikkelingen met betrekking tot de hogeschool. Onder andere werd gesproken over het plan van aanpak sectorplan, het concept addendum. Ook zijn een aantal aspecten van het professionaliseringsbeleid aan de orde geweest.

In 2018 heeft de MR geadviseerd over of ingestemd met de volgende beleidszaken, die veelal ook bij de Raad van Toezicht aan de orde zijn geweest.

Instemming werd gegeven aan:

  • naamswijziging van Stichting Viaa Gereformeerde Hogeschool naar Stichting Hogeschool Viaa
  • Plan van Aanpak en Addendum Strategisch Plan i.v.m. Sectorplan/kwaliteitscriteria
  • begroting 2019
  • meerjarenbegroting 2018-2021
  • kader en format OER 2018-2019
  • afschaffen procedure Numerus Fixus HBO-V
  • benoeming plaatsvervangend lid Geschillen Commissie
  • wijziging Klokkenluidersreglement
  • hoofdlijnen begroting 2019
  • aanpassingen Studentenstatuut 2018-2019
  • wijziging HR-gesprekken cyclus
  • wijziging Bestuurs- en Beheersreglement en MR-reglement
  • drie functieprofielen
  • privacyreglement
  • sluiting tijdens vakanties in studiejaar 2018-2019
  • raamovereenkomst Campus Kind en Educatie
  • facilitering SMR

Positief advies werd gegeven aan:

  • verzuimprotocol
  • studiekeuzecheck
  • beleidsplan Internationalisering
  • begroting 2019
  • ontwikkeling Master Interprofessioneel werken met Jeugd

Besproken:

  • Onderzoek Lectoraten
  • ontwikkelingen Campus Kind & Educatie
  • kwartaalrapportages, controllersrapporten en jaarverslag
  • Wet Studievoorschot en instemmingsrecht Hoofdlijnen begroting
  • rapportage renovatie huisvesting
  • website Hogeschool Viaa
  • reglement Opleidingscommissie nieuwe stijl
  • procuratieregeling
  • generatiepact
  • Kiezen op Maat
  • raamovereenkomst Universiteit voor Humanistiek
  • vervanging voorzitter CvB
  • scenario’s instroom in relatie tot meerjarenbegroting
  • professionaliseringsbeleid
  • lectoraat Educatieve Academie: op weg naar Lectoraat Goede Onderwijspraktijken
  • studiedag Identiteit okt 2018
  • facilitering SMR
  • evaluatie Bruisweek
  • beleidsrapport onderzoeksfunctie Viaa
  • fysio dicht bij de werkplek
  • jaarverslag en jaarrekening 2017
  • procedure DAM gelden
  • duurzame inzetbaarheid

Horizontale verantwoording

Interactie met onze interne en externe omgeving

Hogeschool Viaa hecht groot belang aan goede interactie met haar omgeving. Beroepsonderwijs vergt een goede dialoog met diverse betrokkenen. Daarbij hoort verantwoording aan die betrokkenen. Bij het ontwikkelen van beleid en de koers van (een onderdeel van) de hogeschool worden stakeholders/belanghebbenden (studenten, personeel, werkveld, overheid) betrokken. Zo zijn bij de ontwikkeling van het Strategisch Plan 2017-2020, naast medewerkers en leden van de MR en de RvT, ook vertegenwoordigers van toeleverende scholen, stage-instellingen (werkveld) en (oud-)studenten betrokken. Resultaten van de gesprekken zijn verwerkt in het Strategisch Plan 2017-2020. Ten behoeve van het Strategisch Plan is een uitvoerige interne en externe strategische analyse uitgevoerd, door werkgroepen bestaande uit een aantal medewerkers,  onder begeleiding van adviesbureau Birch consultants. Deze hebben interne en externe bronnen geraadpleegd. Die analyses zijn weer voorgelegd aan een stuurgroep, en nadien gedeeld met de diverse gremia in de hogeschool. In dat kader zijn diverse strategische opties en scenario’s benoemd en ontwikkeld. Het definitieve Strategisch Plan 2017-2020 is in 2017 vastgesteld. In 2018 is het Addendum Strategisch Plan in het kader van het sectorplan ontwikkeld, met vele stakeholders besproken en na de gebruikelijke besluitvormingsroute vastgesteld.

Een hogeschool functioneert niet op zichzelf, maar verricht haar taken in netwerken van werkveld, collega-instellingen, toeleverend onderwijs etc. Dat geldt voor de hogeschool in het algemeen, maar ook voor het werk van academies in het bijzonder. Dat betekent dat er naast horizontale verantwoording op hogeschoolniveau ook sprake is van meer specifieke verantwoording naar werkveld, personeel, studenten, toeleverende scholen binnen academies, als het gaat om opleiding, onderzoek en adviesdienstverlening. Dat uit zich onder andere in overleg binnen de zogenaamde werkveldcommissies en opleidingscommissies. In 2015 is het beleid Horizontale Dialoog geformaliseerd, als gevolg van de Governance afspraken in het hbo. Daarover volgt hieronder inhoudelijke duiding.

Examencommissies

Binnen Hogeschool Viaa is op alle lagen van de organisatie duidelijk wat de taak van de examencommissies is, namelijk het borgen van de kwaliteit van de toetsen en het eindniveau van de opleiding. We willen dat de samenleving blindelings kan vertrouwen op de waarde van het diploma dat wordt afgegeven. De examencommissie zorgt voor bewaking van onder andere de processen die nodig zijn om de vereiste garantie te kunnen geven. De examencommissies worden ondersteund door een ambtelijk secretaris. Deze functionaris is werkzaam voor de drie commissies en heeft de rol van bruggenbouwer. Als juriste bewaakt zij mede het voldoen aan de wet- en regelgeving en de correcte toepassing ervan.

Binnen de hogeschool wordt eenzelfde format voor de Onderwijs- en Examenregelingen van de opleidingen gehanteerd. Dit bevordert opleiding overstijgende informatie-uitwisseling van examencommissies en een uniforme werkwijze van deze commissies. Het tweemaandelijks centraal overleg tussen de drie examencommissies en de opleidingsdirecteuren binnen de hogeschool zorgt ervoor dat werkwijzen en interpretatie van wet- en regelgeving op elkaar afgestemd worden. In dat overleg worden alle wijzigingen die jaarlijks opkomen en nieuw zijn, besproken, verwerkt tot adviezen en voorgelegd aan het CvB ter besluitvorming indien vereist.
De werkwijze van de verschillende examencommissies is vastgelegd in het Huishoudelijk Reglement Examencommissies (2017). Hierin zijn praktische zaken geregeld als samenstelling, taken en bevoegdheden van de examencommissie.
Aan alle examencommissies is een extern lid (een lid dat niet afkomstig is uit de opleiding) toegevoegd. De examencommissies van Social Work & Theologie heeft daarnaast de afspraak gemaakt met Hogeschool Windesheim dat tweemaal per studiejaar elkaars vergaderingen bezocht worden. Ook wordt er een eindniveau-audit uitgevoerd.

Er is een profiel vastgesteld voor examinatoren. Het beleid is ingezet om ervoor te zorgen dat alle examinatoren in 2018/2019 BKE geschoold zijn. Prioriteit ligt bij de verdere vergroting van de toetsdeskundigheid. De leden van de toetscommissies en de voorzitters van de examencommissies hebben inmiddels de SKE-training gevolgd. De samenwerking met de toetscommissies is van groot belang en wordt gestimuleerd en onderhouden. Deze samenwerking uit zich in kalibreersessies en het overleggen van elkaars jaarverslagen. Van elke examencommissie is een collega lid van een toetscommissie via een linking-pinconstructie. Ten slotte functioneert het hogeschoolbrede platform voor toetscommissies.
Daarnaast is een Leidraad voor Toetsing en Examinering vastgesteld die verdere processen, overleggen en audits binnen de hogeschool reguleert. De examen- en toetscommissies hebben zich aan deze Leidraad gecommitteerd. Ook daarmee is meer uniformiteit gegarandeerd in de uitvoering van de taken van de examencommissies.

Uit de verslagen van de examencommissies blijkt dat de volgende aantallen diploma’s zijn verstrekt:

 

Tabel 1: Verstrekte diploma's

Tabel 1: Verstrekte diploma's
    2017-2018 2016-2017 2015-2016 2014-2015
Propedeusediploma’s   345 253 248 311
Bachelordiploma’s   356 322 303 295

Organisatieschema

Organogram Hogeschool Viaa per 1 januari 2018:


 

Stafdiensten

  • Controller
  • Internationalisering
  • Kwaliteitszorg
  • Marketing & Communicatie (advies)
  • Personeel & Organisatie
  • Studentenpastors

Facilitaire Dienst

  • Catering
  • Conciërges
  • Financiële administratie
  • Roosterkamer
  • Marketing & Communicatie
  • Mediatheek
  • Receptie
  • Studentenzaken
  • ICT

Jaarverslag Viaa-Gereformeerd Hoger Onderwijs Zwolle BRIN 27VY

Dit hoofdstuk betreft het jaarverslag van de instelling Viaa-Gereformeerd Hoger Onderwijs Zwolle met BRIN 27VY. Deze instelling wordt bestuurd vanuit de Stichting Viaa-Gereformeerde Hogeschool, sinds december 2018 Stichting Hogeschool Viaa geheten.

Gegevens van de instelling

De instelling verzorgt in deeltijd de bacheloropleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de tweede graad in Godsdienst, Croho-nummer 35441. Deze bacheloropleiding betreft 240 ECTS en is door de NVAO geaccrediteerd (2014). Ten aanzien van de eigendomsverhoudingen zijn er geen wijzigingen ten opzichte van wat gemeld is in het verslag over 2016. Dat geldt ook voor de financiële soliditeit en de bestuursstructuur van de rechtspersoon. Er zijn ook geen wijzigingen betreffende de rechtspersoon bij de Kamer van Koophandel.

Visitatie en accreditatie

De opleiding is gevisiteerd en beoordeeld door VBI Certiked in het voorjaar van 2018. De visitatie was gecombineerd met de visitatie van de opleiding GPW. Het betrof een beperkte opleidingsbeoordeling, omdat er op dat moment werd toegewerkt naar de instellingstoets kwaliteitszorg.
In 2018 hebben we het accrediteringsbesluit van de NVAO ontvangen. De kwaliteit van de opleiding werd beoordeeld als voldoende met een voorwaarde op het gerealiseerde eindniveau, specifiek ten aanzien van  het onderzoeksproject. Inmiddels is hier een herstelplan voor geschreven, dat door de NVAO is goedgekeurd. Aan de uitvoering van dit herstelplan wordt gewerkt.

Samenwerking

De opleiding GL tweede graad wordt alleen in deeltijd aangeboden. Een deel van het curriculum is vormgegeven in samenhang met de door de Stichting Viaa-Gereformeerde Hogeschool (Brin 22HH) aangeboden opleiding Godsdienst-Pastoraal Werk. Samen met de bacheloropleidingen SPH en MWD vallen deze opleidingen onder de Academie Social Work & Theologie.

Wat betreft de samenwerking met andere opleidingen is voor het verslagjaar in het bijzonder de curriculumvernieuwing te noemen. Binnen dit nieuwe curriculum wordt door de opleidingen SPH, MWD, GPW en GL waar mogelijk een gezamenlijk curriculum aangeboden. De eigenheid van de opleidingen blijft wel duidelijk herkenbaar en is geborgd. Dat is nodig om het beroeps- en opleidingsprofiel te kunnen realiseren. De propedeuse van het vernieuwde curriculum is ingevoerd met ingang van het studiejaar 2015/2016. In september 2018 is het vierde jaar ingevoerd.

De belangrijkste aanleidingen voor deze curriculumvernieuwing waren:

  • In de samenleving zien we een verschuiving van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, waarbij de focus van de hulpverlener en godsdienst-pastoraal werker meer komt te liggen op ‘zorgen dat’ in plaats van ‘zorgen voor’. Dit vraagt om een inhoudelijke herziening van de opleidingen.
  • Vanuit het Strategisch Plan en de Prestatieafspraken van de hogeschool is als opdracht geformuleerd dat de opleidingen SPH, MWD, GPW en GL zoeken naar samenwerking waar dat mogelijk is.

Dit heeft er, kort samengevat, toe geleid dat de curricula van de opleidingen zijn herzien. Voor het nieuwe curriculum zijn ontwerpeisen opgesteld, die verwoord zijn in de kadernotitie Curriculumontwikkeling. We noemen twee voorbeelden:

  1. Er wordt gewerkt met grotere eenheden en daardoor met minder toetsen (eenheden van 3 à 5 credits).
  2. Het curriculum moet docentvriendelijker zijn, dat betekent dat er minder kleine taken zijn dan nu het geval is en er meer ruimte is voor innovatie. Dit werkt door in de taaklasten.

 Deze ontwerpcriteria zijn opgenomen naar aanleiding van:

  • gesprekken met de medewerkers van de opleidingen;
  • de uitslagen van het Medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO);
  • de rapporten van de NVAO ten aanzien van werkdruk;
  • bevindingen van alumni.

Door deze ontwerpcriteria wordt bereikt dat het curriculum overzichtelijker is en dat er bij docenten meer ruimte komt voor zaken waar ze nu te weinig aan toe komen, zoals bezinning op ontwikkeling en trends, en professionalisering.

Naar aanleiding van de evaluaties van het eerste jaar is duidelijk geworden dat de eigenheid van de opleiding erg belangrijk is voor studenten. Door de samenwerking met Social Work is dit toch minder geworden. Daarom is besloten om die eigenheid nog duidelijker zichtbaar te maken voor studenten, bijvoorbeeld door eigen handboeken te ontwikkelen van de onderwijseenheden. In deze handboeken staat de context van de theologische opleidingen. De herkenbaarheid is hierdoor toegenomen. Achter de schermen wordt wel intensief samengewerkt met Social Work. Zo is er bijvoorbeeld één examinator voor beide onderwijseenheden. Ook wordt er sinds september 2016 een lectio continua aangeboden aan de studenten van GL en GPW. Samen met een docent behandelen ze in deze lessen een (deel van een) Bijbelboek. Studenten zijn hier erg enthousiast over, evenals de docenten.

Samenwerking met andere opleidingen en werkveld

De opleiding participeert in het landelijk opleidingsoverleg van GPW en GL. Ook is de opleiding betrokken bij specifieke, landelijke GL-bijeenkomsten van de branche, overleg over 10voordeleraar en afstemming over afstudeeronderzoeken.

Tweemaal per jaar is er een bijeenkomst met de werkveldcommissie GPW/GL. Het eerste deel van de bijeenkomst wordt gezamenlijk gehouden met GPW, het tweede gedeelte alleen met GL. Tijdens deze bijeenkomsten worden ontwikkelingen vanuit het werkveld gedeeld, nieuwe ontwikkelingen in het onderwijs besproken en ook hogeschoolbrede onderwerpen, zoals de strategie, komen aan de orde.

Studenten

De opleiding heeft een gering aantal studenten. Per 1 oktober 2018 waren er 10 studenten (eerste inschrijving). Dit is een potentieel risico voor de continuïteit van de opleiding. Dit risico wordt verkleind door de gerealiseerde samenwerking met de andere opleidingen binnen de academie. Ook volgen veel van de GPW studenten de GL-opleiding als tweede opleiding, waardoor in totaal 23 (13 als tweede inschrijving) studenten de opleiding volgen.

Gezien het kleine aantal GL-studenten is in onderstaande tabel GL gecombineerd met GPW.

Dit zijn ruim voldoende en stabiele scores. In 2018/2019 zal nagedacht worden over een andere vormgeving van de deeltijdopleidingen binnen de academie, met meer flexibiliteit. De resultaten op studielast geven hier ook aanleiding voor, dit komt ook naar voren in de gesprekken met studenten.

Naleving van wet- en regelgeving (WHW)

Ten aanzien van de Checklist WHW van de Nederlandse Raad voor Training en Opleiding kan geconstateerd worden dat hieraan wordt voldaan. De Onderwijs- en Examenregeling is bekend bij studenten via de studiegids. De regeling is ook te raadplegen op het intranet en via de website van de hogeschool. De examencommissie voor de opleiding GL is tevens examencommissie voor de verschillende opleidingen binnen de Academie Social Work & Theologie.
Leden van de examencommissie in 2018: vijf docenten van verschillende opleidingen en één extern lid. De commissie wordt ondersteund door een juridisch geschoold, ambtelijk secretaris.

Het College van Beroep voor de Examens van Hogeschool Viaa behartigt ook zaken vanuit de opleiding tot Godsdienstleraar. Er zijn in 2018 geen zaken behandeld voor deze opleiding.

De regelingen voor de opleiding zijn opgenomen in het Studentenstatuut OER Bachelor GPW en GL (2017-2018 en 2018-2019). Het vrijstellingenbeleid wordt bewaakt door de examencommissie en is transparant. De informatievoorziening naar studenten is effectief en transparant georganiseerd.

Tabel 3: Gemiddelden voor de meest relevante themascores (NSE-scores voor 2018 en 2017, op een schaal van 1 tot 5)

Tabel 3: Gemiddelden voor de meest relevante themascores (NSE-scores voor 2018 en 2017, op een schaal van 1 tot 5)
Vraag 2018 2017
Je studie in het algemeen 4,07 4,10
De inhoud van de opleiding 4,17 4,10
De verworven algemene vaardigheden binnen je opleiding 4,08 4,08
De verworven wetenschappelijke vaardigheden / praktijkgericht onderzoek binnen je opleiding 3,73 4,08
De voorbereiding op de beroepsloopbaan 4,00 3,82
De docenten van de opleiding 4,33 4,33
De informatie vanuit je opleiding 3,58 3,54
De studiefaciliteiten van je opleiding 4,00 3,72
Toetsing en beoordeling (bijvoorbeeld criteria van beoordeling en vorm van toetsing) 3,67 3,85
De studieroosters 3,92 3,38
De studielast 3,50 3,69
De studiebegeleiding 4,00 4,10
De algemene sfeer op je opleiding 4,58 4,77
De mate waarin je betrokken wordt bij de verbetering van je opleiding 4,17 4,28
De groepsgrootte 4,50 4,44
Het uitdagende karakter van de opleiding 4,10 3,92
De aandacht voor internationalisering 3,83 3,58