Kwaliteitszorg

Inleiding

Dit hoofdstuk gaat in op de kwaliteit van de kernactiviteiten onderwijs en onderzoek van Hogeschool Viaa. Op hoofdlijnen wordt aangegeven hoe in 2018 op deze fronten is gewerkt aan het behouden en verbeteren van kwaliteit.

Ten aanzien van de te realiseren onderwijskwaliteit zijn in het Strategisch Plan 2017-2020 (SP) tien doelen geformuleerd (zie de tabel hieronder). Paragraaf 6.2 bespreekt de stand van zaken rond deze doelen (met uitzondering van de niet-vet gedrukte doelen in de tabel: deze worden elders in dit jaarverslag besproken). In paragraaf 6.3 wordt vervolgens informatie verschaft over de kwaliteitszorg van de lectoraten. Een slotwoord is te lezen in paragraaf 6.4.

Thema 3: Kwaliteit

Thema 3: Kwaliteit
Versterking Vernieuwing
1. Wij zetten het cyclisch borgen van onze kwaliteit voort conform de Viaa Kwaliteitshandboeken.
2. Wij organiseren visitaties in het kader van clustergewijs accrediteren.
3. Wij behalen minimaal voldoende tot goed op alle standaarden.
4. Wij stemmen academiebeleid op elkaar af, omdat wij Viaa-breed overleg met elkaar voeren over toetsing, examinering en kwaliteitszorg.
5. Onze studenten waarderen onze opleidingen in de NSE met gemiddeld ten minste een 4.0 op zowel de ultimate question (NSE) als de cruciale vraag (Keuzegids).
6. Uit de hbo-monitor blijkt dat ten minste 70% van onze afgestudeerden (zeer) tevreden is over de voorbereiding op de beroepsloopbaan.
7. Uit ons medewerkeronderzoek blijkt dat ten minste 80% van onze medewerkers in het algemeen (zeer) tevreden is met zijn werk.
8. We onderzoeken of deelname aan de instellingstoets kan bijdragen aan de kwaliteit van Viaa en besluiten voor 1 januari 2020 of wij hieraan daadwerkelijk deelnemen.
9. Voor 1 januari 2018 zijn de docenten en medewerkers BKE/SKE-gecertificeerd.
10. We ontwikkelen in aanvulling op onze bestaande werkveldraadplegingen een aantal hogeschoolbrede indicatoren waarmee we de tevredenheid van ons werkveld kunnen meten.

Onderwijskwaliteit

Doel 1: Cyclisch borgen van kwaliteit

In alle academies wordt de kwaliteit van het onderwijs gemonitord door middel van schriftelijke en mondelinge evaluaties. De academies hanteren hiervoor eigen handboeken met afspraken en procedures. De drie (academie-gerelateerde) kwaliteitscommissies zien toe op de uitvoering van de evaluaties en op de verwerking van de resultaten, inclusief het beleggen van aangedragen verbeterpunten bij passende personen en gremia. Daarnaast functioneert de Viaa-brede kwaliteitscommissie, waarin hogeschoolbreed beleid verder wordt vorm-gegeven en afgesproken.

In de Academie Social Work & Theologie is het kwaliteitshandboek in 2018 verder verfijnd. Daarnaast is een plan opgezet om de dialoog over de inhoud en kwaliteit van leerlijnen en onderwijseenheden sterker in de academiestructuur te verankeren. De inzet op kwaliteitszorg in deze academie in de afgelopen jaren heeft zijn vruchten afgeworpen: het item scoort nu relatief hoog in de NSE.

De kwaliteitscommissie van de Academie Health Care heeft eveneens haar kwaliteitshandboek bijgeschaafd. Daarnaast is de commissie nauw betrokken geweest bij het voorbereiden van de visitatie van de academie in 2019 (zie de volgende paragraaf). 

De kwaliteitscommissie van de Educatieve Academie werkt aan de ontwikkeling van een passender kwaliteitszorgsystematiek: met name het functioneren van de feedbackloops kan beter. Om hierin verder te komen zijn onder meer gesprekken met studenten gevoerd en vindt er collegiaal overleg plaats in de Viaa-brede kwaliteitscommissie.

Doel 2: Clustergewijs accrediteren

De opleiding Social Work heeft in 2018 de beoogde visitatie van de opleiding in 2019 voorbereid. Er is een accreditatiewerkgroep samengesteld, er is een schrijver voor het te produceren zelfevaluatierapport aangetrokken en er is een ‘ring’ van meelezers georganiseerd. De opleiding heeft als Visiterende en Beoordelende Instantie dit keer gekozen voor NQA – in grote lijn tot tevredenheid. De samenwerking in het cluster – bestaande uit Viaa en de Christelijke Hogeschool Ede – is vooral gerealiseerd door het over en weer leveren van een panellid voor de proefvisitaties. Deze uitwisseling heeft geleid tot goede en bruikbare feedback aan de opleiding.

De opleidingen GPW en GL hebben het jaar 2018 gebruikt om een verbeterplan op te stellen naar aanleiding van de uitkomsten van de NVAO-visitatie in 2017. Voor het verbeteren van de kwaliteit van de afstudeeronderzoeken is een specifiek herstelplan opgesteld – met het uitvoeren daarvan is onmiddellijk  gestart. Een aantal maatregelen is meteen ingevoerd.

Ook de opleiding Health Care is in 2018 begonnen met het voorbereiden van haar visitatie in 2019, eveneens in samenwerking met NQA. Bijzonder is dat in het najaar met alle medewerkers tegelijk een uitgebreide evaluatiesessie is gehouden: wat gaat er goed en wat kan beter? De uitkomsten hiervan worden gebruikt bij het schrijven van het zelfevaluatierapport. Tevens heeft er met cluster Noord ruimschoots afstemming plaatsgevonden over de visitaties van de Health Care-opleidingen in de regio.

De Educatieve Academie heeft de voorbereidingen van de volgende accreditatie nog niet hoeven starten. Wel is er contact met andere pabo’s over tussentijdse evaluaties en het ondersteunen van elkaar daarin. Zo is in Radiant-verband intercollegiale consultatie opgestart, met peerreviews.

Doel 3: Scores accreditaties

In 2018 zijn de opleidingen GPW en GL geaccrediteerd. De opleidingen ontvingen een ‘goed’ voor de kwaliteit van de studentbegeleiding en een voldoende op alle overige standaarden, behalve op standaard 11. Op dit punt is een hersteltraject in gang gezet, en zijn ook vrijwel meteen een aantal maatregelen ingevoerd.

Doel 4: Hogeschoolbrede afstemming kwaliteitszorg

Hogeschoolbrede afstemming over kwaliteitszorg vindt plaats in de centrale kwaliteitscommissie en via de kwaliteitscontroller die regelmatig de decentrale kwaliteitscommissies bezoekt. Deze afstemming heeft vooral een informerend en raadplegend karakter. De vraag op welke punten hogeschoolbrede uniformiteit wenselijk is en waar diversiteit passender is, is voortdurend onderwerp van gesprek.

De doorwerking van de ontwikkelde hogeschoolbrede visie op kwaliteit(szorg) heeft in 2018 stil gelegen ten gunste van het ontwikkelen van een hogeschoolbrede visie op onderwijs. Nadat de laatste door alle opleidingen is besproken zal de eerste waar nodig worden bijgesteld. Vanuit de visie zullen beleidsaanpassingen worden gedaan.

Doel 5: Studentwaardering NSE

De onderwijskwaliteit van Hogeschool Viaa in 2018 is over het algemeen goed te noemen. In hoofdstuk 3 van dit jaarverslag is beschreven hoe hieraan in de verschillende academies voortdurend wordt gewerkt. Hieronder wordt zicht geboden op de waardering van de Viaa-brede onderwijskwaliteit door studenten, aan de hand van enkele resultaten van de Nationale Studenten Enquête (NSE). De volledige en gedetailleerde NSE-resultaten zijn opgedeeld in een Viaa-brede rapportage en in de drie rapportages op academieniveau (interne documenten). Deze resultaten zijn besproken in de verschillende afdelingen in de hogeschool, ook in het Beleidsoverleg. Steeds zijn daarbij afspraken gemaakt, die minder sterke punten verbeteren.

Ultimate question
Het doel uit het Strategisch Plan (SP) om voor alle Viaa-opleidingen minimaal een 4,0 te scoren op de ultimate question is ook dit jaar behaald. De gemiddelde score van Viaa op deze vraag is maar liefst 4,47 (dat is ruim boven het landelijk gemiddelde van 3,92).

Hoofdvraag NSE
De score op de algemene NSE-entreevraag ‘Je studie in het algemeen’ is voor Viaa een belangrijke indicator voor kwaliteit. De score op deze vraag is voor Viaa nagenoeg gelijk gebleven, van 4,12 in 2017 naar 4,11 in 2018 (op een schaal van 1-5). Voor alle hogescholen in Nederland is de gemiddelde score licht gedaald, van 3,88 vorig jaar naar 3,82 nu. We zien dus dat Viaa nog steeds ruim boven het landelijk gemiddelde scoort, het verschil is dit jaar iets groter geworden ondanks onze minieme daling.

Hoofdvraag NSE 2014-2018

Hoofdvraag NSE 2014-2018
Je studie in het algemeen 2018 2017 2016 2015 2014
Gemiddelde Viaa 4,11 4,12 4,08 4,14 4,21
Landelijk gemiddelde hbo’s 3,82 3,88 3,88 3,83 3,76

Waardering algehele sfeer
De sfeer wordt bij alle opleidingen hoog gewaardeerd. Met een Viaa-gemiddelde van 4,56 scoort de sfeer erg hoog. Ook landelijk wordt de sfeer overigens hoog gewaardeerd – het verschil met de Viaa-score is echter beduidend groter geworden ten gunste van Viaa.

Algehele sfeer NSE 2014-2018

Algehele sfeer NSE 2014-2018
De algehele sfeer op je opleiding 2018 2017 2016 2015 2014
Gemiddelde Viaa 4,56 4,49 4,46 4,39 4,56
Landelijk gemiddelde hbo’s 4,10 4,12 4,09 4,01 4,06

Waardering themascores
In de NSE wordt studenten gevraagd hun waardering te geven op specifieke aspecten van een groot aantal onderwijs gerelateerde thema’s. Onderstaande tabel laat de gemiddelde score per thema zien voor Viaa als geheel in de jaren 2013-2018, en, ter vergelijking, de gemiddelde score van alle deelnemende hogescholen in Nederland in 2018.

De meeste thema’s laten een lichte stijging zien ten opzichte van 2017. Dit jaar zijn de scores bovendien op álle deelvragen significant hoger ten opzichte van het landelijk gemiddelde (vorig jaar waren er nog vier deelvragen waarvoor dit niet gold).  Viaa heeft zes zeer sterk scorende thema’s (> 4,0; vet in de tabel), tegenover landelijk nul. Viaa heeft geen onvoldoende themascores meer (< 3,50; eigen normering), tegenover landelijk zes (cursief in de tabel). 

Themascores NSE 2014-2018

Themascores NSE 2014-2018
Rubriek (themascores) Gemiddelde Viaa         Gemiddelde landelijk Verschil
  2018 2017 2016 2015 2014 2018 2018
Inhoud 3,94 3,91 3,82 3,87 3,96 3,65 + 0,29
Algemene Vaardigheden 4,06 4,06 4,02 4,06 4,10 3,83 + 0,23
Wetenschappelijke Vaardigheden HBO 3,78 3,73 3,66 3,75 3,82 3,62 + 0,16
Voorbereiding Beroepsloopbaan / Beroepspraktijk 4,13 4,12 4,08 4,10 4,12 3,69 + 0,44
Docenten 4,07 4,00 3,97 4,01 4,16 3,64 + 0,43
Studiebegeleiding 4,11 4,08 4,00 3,98 4,16 3,55 + 0,56
Toetsing - Beoordeling 3,79 3,8 3,74 3,85 3,92 3,61 + 0,18
Informatievoorziening 3,74 3,68 3,65 3,62 3,76 3,37 + 0,37
Studierooster 3,86 3,84 3,82 3,74 3,99 3,38 + 0,48
Studielast 3,69 3,62 3,55 3,56 3,63 3,45 + 0,24
Groepsgrootte 4,29 4,18 4,06 4,06 4,18 3,84 + 0,45
Stage en Opleiding 3,58 3,61 3,62 3,73 3,78 3,25 + 0,33
Stage Ervaring 4,14 4,09 4,05 4,18 4,16 3,93 + 0,21
Studiefaciliteiten 3,88 3,88 3,75 3,64 3,58 3,54 + 0,34
Kwaliteitszorg 3,63 3,53 3,49 3,47 3,68 3,28 + 0,35
Uitdagend onderwijs (nieuw) 3,86 3,87 - - - 3,52 + 0,34
Internationalisering (nieuw) 3,85 3,74 - - - 3,19 + 0,66
Gemiddelde waardering thema’s 3,90 3,87 3,82 3,86 3,96 3,55 + 0,35

Doel 6: Tevredenheid afgestudeerden

Naast de eigen methodes in de verschillende academies om de tevredenheid van afgestudeerden over het Viaa-onderwijs te meten, maakt Viaa gebruik van de hbo-monitor (een landelijk instrument dat de tevredenheid van alumni over de gevolgde opleiding meet).

In 2018 zijn de uitkomsten van de tevredenheid van afgestudeerden in het academisch jaar 2015-2016 gemeten (dus anderhalf jaar na afstuderen). Er hebben 99 alumni meegedaan aan dit tevredenheidsonderzoek. Van hen is 84% (zeer) tevreden over de gevolgde studie (ten opzichte van 66% landelijk). Daarmee voldoen wij aan het doel uit het SP dat 70% tevredenheid stelt. In zijn algemeenheid zijn in Viaa voltijdstudenten meer tevreden dan deeltijdstudenten. Het meest tevreden zijn alumni over de betrokkenheid en inhoudsdeskundigheid van docenten. De voorlichting over studie- en carrièremogelijkheden alsmede de internationale oriëntatie van Viaa zijn volgens deze afgestudeerden voor verbetering vatbaar.

Doel 7: Tevredenheid medewerkers

De tevredenheid van Viaa-medewerkers wordt eens in de twee jaar gemeten door middel van het zogenaamde Medewerkers Tevredenheids Onderzoek (MTO). Dit onderzoek is gehouden in het najaar van 2018, met over het algemeen een positief resultaat.

De vraag ‘Hoe tevreden bent u in het algemeen over uw werk?’ scoort in 2018 evenwel lager dan in 2016: 77% is tevreden of zeer tevreden tegenover 82% in 2016. Daarmee zijn we iets onder het gestelde doel van 80% tevredenheid gebleven (SP, thema 3, doel 7). Het MTO is in het najaar van 2018 gehouden.

Wanneer de gemiddelde medewerkertevredenheid over meerdere specifieke thema’s wordt gemeten, is in 2018 de score evenwel gelijk gebleven aan die van 2016: beide jaren komen uit op een 7,49. De inzet van het Beleidsoverleg op het verbeteren van de communicatie met medewerkers scoort fors hoger dan in 2016. Ook de MR en de studentgerichtheid van de hogeschool scoren duidelijk hoger dan in 2016. Voor alle academies blijft de werkdruk het belangrijkste aandachtspunt. Bij de grootste dalers horen de toegankelijkheid van en de waardering door de leidinggevende, evenals de geboden arbeidsvoorwaarden. In het Viaa-brede MTO-rapport en de verschillende deelrapporten (academies, ondersteunende diensten) zijn alle specifieke scores te vinden.

De (specifieke) uitkomsten van het MTO worden in diverse sessies besproken met het Beleidsoverleg, met de academies en met de medewerkers van de ondersteunende diensten. Hieruit zijn verbeteracties belegd bij diverse (groepen) mensen.

Doel 8: Deelname Instellingstoets

In het Strategisch Plan is opgenomen dat voor 2020 een besluit genomen wordt over het al dan niet deelnemen aan de zogenaamde instellingstoets ten behoeve van de accreditaties. Vooralsnog is besloten nog niet deel te nemen aan de ITK. Daarmee lijkt het er vooreerst op dat Viaa het werken met uitgebreide opleidingsbeoordelingen voort zal zetten.

Doel 9: Voor 1 januari 2018 zijn de docenten en medewerkers BKE/SKE-gecertificeerd

Zie de hoofdstukken 1, 3 en 5. Het is niet gelukt voor 1 jan 2018 alle docenten BKE dan wel SKE gecertificeerd te hebben. Duidelijk is wel dat het percentage van 90% al gehaald is.

Doel 10: Tevredenheid werkveld

De verschillende Viaa-opleidingen spreken regelmatig vertegenwoordigers van het werkveld die feedback geven op de kwaliteit van onze studieprogramma’s en de capaciteiten van de studenten die wij opleiden. In zijn algemeenheid zijn de verschillende werkvelden positief over de door Viaa geleverde kwaliteit. De betrokkenheid van het werkveld bij de (door)ontwikkeling van de curricula is in alle drie de academies groot. Voor Health Care geldt dat er inmiddels één werkveldcommissie is voor de HC-opleidingen in de regio Zwolle. De twee andere academies hebben elk een eigen werkveldcommissie, alsmede sterke banden met het werkveld.
Op het moment van schrijven is er nog geen knoop doorgehakt over het ontwikkelen van meetinstrumenten om de tevredenheid van de betrokken werkvelden systematisch kwantitatief te meten (het SP noemt dit als doel).

Kwaliteit lectoraten

In Viaa functioneren drie lectoraten, elk verbonden aan een academie. Het jaar 2018 is benut om de organisatie van de lectoraten, de inhoudelijke samenwerking en de samenwerking in de zorg voor kwaliteit strakker te regelen. De lectoraten zijn bovendien gestart met het voorbereiden van de visitatie in het najaar van 2019.

Wat betreft de kwaliteitssystematiek werken de lectoraten met de volgende cycli: een zesjaarlijkse visitatie (peer review) met tussentijds een midterm review, een vierjarenplan, een jaarplan en een jaarverslag, en twee maal per jaar een gesprek tussen het CvB en de lector over managementdoelstellingen. Daarnaast zijn er drie keer per jaar domeinoverstijgende dialogen met alle Viaa-onderzoekers over de kwaliteit van het praktijkgericht onderzoek-doen in brede zin. Het gaat daarin over aspecten als methodische grondigheid, praktische relevantie en ethische verantwoording. Voorts wordt binnen de afzonderlijke lectoraten met alle onderzoekers het gesprek gevoerd over de kwaliteit van lopende onderzoeken (met wisselende frequentie).

Tot slot

We kunnen concluderen dat belangrijke stakeholders als onze studenten, onze afgestudeerden en onze werkveldpartners de kwaliteit van onze opleidingen als goed ervaren. Dat deze stakeholders royaal bereid zijn om mee te denken over verbetermogelijkheden is daarbij een groot goed. Tegelijkertijd zien alle academies in deze ‘tevredenheid’ geen reden om achterover te leunen, maar werken zij gestaag door aan het verbeteren en up-to-date houden van hun onderwijsprogramma’s. Het willen werken aan voortdurende kwaliteitsverbetering behoort tot het DNA van onze docenten- en onderzoeksteams.