Spring naar inhoud

Bestuur, Medezeggenschap en Toezicht

Organisatieschema

Stafdiensten

  • Controller
  • Internationalisering
  • Kwaliteitszorg
  • Marketing & Communicatie (advies)
  • Personeel & Organisatie
  • Studentenpastors

Facilitaire dienst

  • Catering
  • Conciërges
  • Financiële administratie
  • Roosterkamer
  • Marketing & Communicatie
  • Mediatheek
  • Receptie
  • Studentenzaken
  • ICT

College van bestuur

Hogeschool Viaa gaat uit van Stichting Hogeschool Viaa, statutair gevestigd te Zwolle. Tot de stichting behoren Hogeschool Viaa (BRIN-nummer 22HH) en Hoger Onderwijs Viaa Zwolle (BRIN-nummer 27VY). Alle opleidingen vallen onder Hogeschool Viaa, alleen onder Hoger Onderwijs Viaa Zwolle wordt de niet-bekostigde Godsdienstlerarenopleiding aangeboden.

De stichting heeft als doel het ontwikkelen en verzorgen van hoogwaardig hoger beroepsonderwijs, waardoor studenten en cursisten worden gevormd, toegerust en opgeleid tot (startende) professionals en het ontwikkelen, delen en toepassen van kennis die zij ter beschikking stelt aan de samenleving.

De stichting heeft het college van bestuur (CvB) en de raad van toezicht (RvT) als organen; de raad van toezicht heeft het college van bestuur belast met het besturen van de stichting. Daarmee is het CvB verantwoordelijk voor de voorbereiding, vaststelling, uitvoering en evaluatie van het beleid van de hogeschool en de dagelijkse leiding over de organisatie en de medewerkers. De taken en bevoegdheden van het CvB zijn vastgelegd in de statuten van de stichting en nader uitgewerkt in het Bestuur- en beheersreglement.

De heer drs. D. Wakker MME is sinds 1 augustus 2019 voorzitter van het college van bestuur.De voorzitter CvB maakt deel uit van het bestuur van de coöperatie Radiant, het bestuur van Penta Nova en de Zw8lse, een samenwerkingsgroep van Zwolse mbo- en hbo-instellingen.

Als inspraakhebbend orgaan kent Hogeschool Viaa een centrale medezeggenschapsraad (MR). Het CvB overlegt regelmatig met de MR over zowel beleidsonderwerpen waarover de MR advies- of instemmingsrecht heeft, als over zaken die door de MR worden ingebracht.

Beleidsoverleg

Maandelijks wordt een uitgebreid beleidsoverleg (BO) gehouden: het overleg van het CvB met de directeuren van de academies en de managers van de centrale diensten. Het beleidsoverleg heeft als taak om, onder verantwoordelijkheid van het CvB, het beleid van Hogeschool Viaa mede te initiëren, voor te bereiden, uit te voeren en te evalueren. Binnen het BO worden ook de beleidsplannen van de verschillende afdelingen besproken en op elkaar afgestemd. De leden van het BO adviseren het CvB over het te voeren beleid. Vanzelfsprekend zijn in principe alle beleidspunten die in de vergaderingen van de RvT of de MR aan de orde komen, ook in het BO besproken en van advies voorzien.

Naast de uitgebreidere beleidsbijeenkomsten wordt wekelijks meer coördinerend de voortgang besproken, worden nieuwe ontwikkelingen doorgenomen en initiatieven voorgesteld.

Het CvB heeft een aantal portefeuilles gedelegeerd aan de leden van het BO. Daarbij blijft het CvB eindverantwoordelijk.

Verslag raad van toezicht

De raad van toezicht (RvT) heeft tot taak het toezien op het beleid van het college van bestuur (CvB), op de algemene gang van zaken in de hogeschool en het bewaken van de doelstelling en grondslag van de Stichting Hogeschool Viaa. Bij de invulling van deze taak hanteert de raad het Toetsingskader raad van toezicht van Stichting Hogeschool Viaa. De taakverdeling en werkwijze van de raad van toezicht zijn te vinden in het Reglement raad van toezicht van Hogeschool Viaa. De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht en het college van bestuur zijn, conform art. 10.3d WHW, duidelijk onderscheiden.

De onafhankelijkheid van de leden van de RvT is vastgelegd in de Onafhankelijkheidsverklaring RvT (als gevolg van artikel 17.2 van het reglement RvT) vastgesteld in 2015; deze verklaring is ondertekend door alle leden van de RvT. Daarmee voldoet de bestuursstructuur van Hogeschool Viaa aan de beginselen van Goed Bestuur.In de statuten en in het Bestuursreglement van Hogeschool Viaa committeert het college van bestuur zich aan de Branchecode Goed Bestuur (2013) van de sector hbo.

De raad van toezicht heeft drie commissies ingesteld:

  • de Auditcommissie;
  • de Remuneratiecommissie;
  • de commissie Onderwijs, Onderzoek en Kwaliteit.

Thema's

De raad van toezicht vergaderde in 2021 vijfmaal, waarvan eenmaal met de medezeggenschapsraad (MR), op 8 oktober. De RvT en de MR hebben gesproken over:

  • het Strategisch Plan en de toekomst van Hogeschool Viaa;
  • de rol en visie van de raad van toezicht ten aanzien van onderwijs;
  • de ontwikkelingen en ervaringen van studenten met digitalisering en online onderwijs.

De volgende bestuurlijke zaken zijn aan de orde geweest:

  • jaarverslagen van de RvT en het CvB over 2020;
  • evaluatie van het functioneren van de RvT;
  • rooster van aftreden en opvolging/herbenoeming
  • instellingsplan.

Op het gebied van het financieel beleid behandelde de RvT:

  • de tertaalrapportages; de laatste van 2020 en die eerste en tweede van 2021;
  • het jaarverslag en de jaarrekening over 2020;
  • hoofdlijnen begroting 2022, begrotingskader en begrotingsproces;
  • de meerjarenbegroting 2022-2026
  • de accountantsverklaring;
  • accountantsverslag RA12.

De raad van toezicht is in 2021 bezig geweest met een aantal lange termijnontwikkelingen in de hogeschool. De nieuwe strategische koers, zoals vastgelegd in een instellingsplan, en de concrete uitwerking daarvan zijn tijdens verschillende vergaderingen besproken. Aan de ontwikkeling van het strategisch beleid is het proces van reflectie op de identiteit van de hogeschool gerelateerd. De raad van toezicht is nauw betrokken bij de bezinning op dit thema.

De verbouwing van de aula en het bijgebouw tot een Agora, konden door de Kwaliteitsgelden en een lening van het Energiefonds van start gaan. De ontwikkelingen in de bouwsector en de financieringsmogelijkheden hebben geleid tot een aanpassing van de oorspronkelijke plannen, waar de raad van toezicht mee heeft ingestemd. De voortgang wordt door de raad gemonitord.

Het jaarverslag 2020 is door de raad uitgebreid besproken, het jaar werd afgesloten met een negatief resultaat. De redenen voor het tegenvallende resultaat zijn besproken, daarbij is vastgesteld dat er sprake was van verklaarbare oorzaken, onverwacht hogere kosten en tegenvallende baten, veelal vanwege de coronacrisis. Het was daarbij belangrijk om vast te stellen dat de continuïteit niet in het geding is geweest en dat de prognose voor de komende jaren gunstig is.

Dit werd ook zichtbaar in de (meerjaren)begroting voor de periode 2022-2026. Er is voldoende financiële slagkracht om te werken aan de ambities in het strategisch plan.

Halverwege het jaar vond er een wisseling van de financiële deskundigheid in de raad plaats. De tweede termijn van de heer Schoonbeek was na het afronden van het jaarverslag 2020 afgelopen. Met dank voor zijn rustige en deskundige inzet, namen we afscheid van hem. Een goede opvolger werd gevonden in de persoon van de heer Hollebrandse.

De raad van toezicht heeft voor een verdere structurering van de werkzaamheden, onder begeleiding van organisatieadviesbureau B&T, en in nauwe samenwerking met de bestuurder, de visie op toezicht uitgewerkt en heeft daarbij een toetsingskader ontwikkeld. Daarmee is inhoud gegeven aan de intenties, zoals uitgesproken in 2020, om te komen tot proportioneel toezicht op basis van vertrouwen, ontmoeting en dialoog tussen raad van toezicht en college van bestuur.

Naar aanleiding van een phishing mail in de organisatie, zijn een aantal maatregelen genomen ter bevordering van de cybersecurity. De raad van toezicht zal dit thema met een hogere frequentie agenderen, om de vinger aan de pols te houden.

Digitalisering is door het vele online onderwijs tijdens de coronaperiode stevig in ontwikkeling. Studenten van de medezeggenschapsraad presenteerden aan de raad van toezicht een onderzoek naar de ervaringen van studenten in alle academies met online onderwijs. Het hybride onderwijs is een nieuwe werkelijkheid geworden.

De raad van toezicht heeft kennisgemaakt met de nieuwe directeur, Marco Schaap, en de (relatief) nieuwe lector, Ingrid Paalman, van de Educatieve Academie. Daarbij kon worden vastgesteld dat er veel dynamiek, ontwikkeling en initiatieven spelen. En dat er met overtuiging en enthousiasme wordt gewerkt aan deze thema’s.

Auditcommissie

Leden van de Auditcommissie waren de eerste helft van het jaar de heer R.D. Schoonbeek (voorzitter) en mevrouw A. Poolen (lid). Vanaf juni is mevr. Poolen voorzitter geworden en is de heer Hollebrandse als lid toegevoegd aan de Auditcommissie. De Auditcommissie werkt op basis van het reglement dat is vastgesteld door de raad van toezicht.

De commissie heeft in 2021 vijf keer vergaderd en onder meer de volgende documenten besproken:

  • begroting 2022
  • jaarrekening 2020 met het CvB (bij de vergadering over de jaarrekening waren ook de accountant en de controller aanwezig);
  • managementletter 2020 en 2021;
  • accountantsverslag 2020;
  • tertaalrapportages
  • overeenkomst Energiefonds;

De Auditcommissie deed tijdens de vergaderingen RvT zowel mondeling als schriftelijk verslag van haar besprekingen en heeft de RvT over bovenstaande zaken geadviseerd. Daarbij zijn ook steeds punten aan de orde die het naleven van wettelijke voorschriften betreffen.

De commissie besprak daarnaast verschillende dossiers met het CvB, onder andere:

  • instroomcijfers/studentenaantallen;
  • financieel meerjarenbeleid;
  • voortgangsrapportages huisvesting/renovatie;
  • voortgang projecten Kwaliteitsafspraken;
  • prognose liquiditeit;
  • Nationaal Programma Onderwijs.

Remuneratiecommissie

De Remuneratiecommissie werd in 2021 gevormd door de heren C.S. Balkenende (voorzitter) en J.S. van den Berg (lid).

De commissie heeft in 2021 vijf keer formeel vergaderd met het college van bestuur. Daarin is onder meer gesproken over het functioneren en de remuneratie van de voorzitter college van bestuur. Daarnaast zijn er regelmatig meer informele contactmomenten geweest met dhr. Wakker. Als raad en als Remuneratiecommissie realiseren we ons dat ook in 2021, met name vanwege de coronamaatregelen, het CvB onder omstandigheden heeft moeten werken die zeer belastend zijn geweest voor zowel studenten als medewerkers van de school. We zijn dhr. Wakker zeer erkentelijk voor zijn grote inzet en betrokkenheid in het afgelopen jaar.

Commissie Onderwijs, Onderzoek en Kwaliteit

In 2020 werd de commissie Onderwijs, Onderzoek en Kwaliteit ingesteld. De commissie wordt gevormd door mevrouw E. Kooij-Bas (voorzitter) en de heer J.S. van den Berg (lid).

De commissie heeft in 2021 drie keer vergaderd. Daarin is gesproken over de werkwijze van de commissie. Een belangrijk onderwerp was de strategische koers voor de komende jaren en ook op welke manier de commissie daarbij betrokken kan worden. Verder is inhoudelijk gesproken over de visie van de werkgroep Dienstverlening op de strategie van Hogeschool Viaa op het gebied van Leven Lang Ontwikkelen.

De besteding van de gelden uit het Nationaal Programma Onderwijs zijn besproken. Ook is gekeken naar de actuele instroomcijfers.

Daaraan gekoppeld is gereflecteerd op de ontwikkeling van het onderwijsaanbod. De toekomst van de bacheloropleiding Theologie is besproken. Daarnaast zijn de commissieleden meegenomen in de aanvraag voor de nieuwe Ad-opleiding Didactisch Educatief Professional.

Kwaliteitsafspraken

Naast de algemene monitoring middels de tertaalrapportages, heeft de raad van toezicht een aantal projecten uitgebreider onder de loep genomen.

De projectleider van het Honoursprogramma, één van de projecten vanuit de Kwaliteitsafspraken, gaf een presentatie aan de raad van toezicht. Met plezier werd kennis genomen van het innovatieve karakter van het Honoursprogramma. De onderwijsmethoden en de link met het reguliere onderwijs werden besproken.

Bij de beschouwing van de ontwikkelingen op het gebied van dienstverlening, daarbij is ook gekeken naar de rol van de docent-coördinator-projectleiders, die mede vanuit de Kwaliteitsafspraken zijn aangesteld.

Bij de ambitie om nieuwe opleidingen te ontwikkelen, onderdeel van het Strategisch Plan, heeft een evaluatie van de ontwikkeling en groei van de master MIJ plaatsgevonden.

De raad van toezicht is nauw betrokken geweest bij het traject om te komen tot de renovatie van de aula tot Agora, wat in de tweede helft van 2021 heeft plaatsgevonden. Daarbij is naast de financiële kant, ook telkens gekeken naar de verbinding met het Strategisch Plan en de (onderwijs)visie van Hogeschool Viaa. De Agora past bij de ontmoeting en betrokkenheid, waar Viaa voor staat en past bij de groei die de hogeschool doormaakt.

Bij de ontwikkelingen op het gebied van digitalisering, mede naar aanleiding van de coronacrisis, passen de investeringen die met de Kwaliteitsgelden zijn gedaan. Dit betreft de ontwikkeling van zowel de digitale leeromgeving, als de professionalisering van het onderwijzend personeel. De raad stelt vast dat er al veel gebeurt, maar dat er ook nog ruimte is voor verdere ontwikkeling hiervan.

Leden

In 2021 zijn er aantal wijzigingen geweest in de samenstelling van de raad van toezicht. De tweede termijn van de heer Schoonbeek liep in juni af, hij werd opgevolgd door de heer Hollebrandse.

De raad bestond in 2021 uit de volgende leden:[1]

  • De heer ing. C.S. Balkenende MBA te Zwolle, 8 april 1962
    • Werkzaam als algemeen directeur/bestuurder bij Inclusief Groep N.V.
    • Nevenfuncties: lid raad van commissarissen Wadinko N.V. te Zwolle; bestuurslid Cedris
    • Voorzitter raad van toezicht, voorzitter Remuneratiecommissie
    • Tweede termijn: 1 januari 2021-1 januari 2025
  • De heer dr. ir. J.S. van den Berg te Hattem, 4 april 1949
    • Gepensioneerd voorzitter college van bestuur Guido de Brès Scholengemeenschap Amersfoort
    • Nevenfuncties: directeur van ‘Van den Berg Consultant, analytisch advies en begeleiding’; voorzitter Raad van toezicht Stichting Suva Nawa
    • Vicevoorzitter raad van toezicht, lid commissie Onderwijs, Onderzoek en Kwaliteit, lid Remuneratiecommissie (vanaf 5 maart 2020)
    • Tweede termijn: 1 september 2018-31 augustus 2022
  • Mevrouw A. Poolen-Van den Brink MBA-H te Nijkerk, 2 mei 1973
    • Werkzaam als voorzitter Raad van Bestuur Stichting ZorgAccent, Almelo
    • Nevenfuncties: lid bestuur en lid commissie automatisering brancheorganisatie ActiZ; lid bestuur Korsakov KennisCentrum, lid bestuur Coöperatieve vereniging ThoeZ Twente
    • Lid Auditcommissie
    • Tweede termijn: 1 september 2019-1 september 2023
  • Mevrouw dr. A.E. Kooij-Bas te IJsselstein, 8 mei 1976
    • Werkzaam als zelfstandig adviseur, interim manager, coach
    • Nevenfuncties:  Fractievoorzitter ChristenUnie gemeente IJsselstein; lid raad van toezicht SKozoK, scholengroep voor primair onderwijs Zuid-Oost Kempen
    • Voorzitter Commissie Onderwijs, Onderzoek en Kwaliteit
    • Eerste termijn: 1 maart 2020-1 maart 2024
  • De heer prof. dr. P. Nullens te Wezep, 9 december 1964
    • Werkzaam als hoogleraar Systematische Theologie aan de Evangelische Theologische Faculteit, Leuven, bijzonder hoogleraar Leiderschapsethiek en menswaardige economie aan de Universiteit voor Humanistiek, Utrecht, pastor Theologie en Onderwijs (predikant) in de Vrije Evangelisatie Zwolle.
    • Nevenfuncties:  lid van bestuur ‘Institute of Leadership and Social Ethics’ (B, Leuven)
    • Eerste termijn: 1 oktober 2020-1 oktober 2024
  • De heer J.P. Hollebrandse RA te Apeldoorn, 24 juni 1969
    • Werkzaam als manager financiën & bedrijfsvoering, lid MT bij Tactus Verslavingszorg
    • Nevenfuncties: lid bestuur/penningmeester Gebruikersvereniging User (GVU), EPD in de GGZ
    • Lid Auditcommissie
    • Eerste termijn: 15 juni 202115 juni 2025

Tot 1 juni 2021 was de heer Schoonbeek lid van de raad van toezicht:

  • De heer R.D. Schoonbeek RA te Zwolle, 25 juli 1966
    • Directeur/ eigenaar Schoonbeek Beheer B.V.
    • Nevenfuncties: penningmeester Stichting Zwolle Unlimited; bestuurslid Rotaryclub Zwolle
    • Lid Auditcommissie
    • Tweede termijn: 1 april 2017-1 juni 2021

Bezoldiging

De bezoldiging van de leden RvT is conform WNT. Voor de specificatie verwijzen wij naar de jaarrekening.

[1] Deze informatie staat ook op de website van de hogeschool.

Terugblik

We kijken als raad van toezicht van Hogeschool Viaa tevreden en met dankbaarheid terug op het afgelopen jaar. Graag spreken we onze waardering uit voor het college van bestuur en alle medewerkers. Ondanks alle coronamaatregelen die in 2021 van kracht waren, hebben zij enthousiast en betrokken gewerkt aan een gezond onderwijsklimaat en aan goede en motiverende contacten met studenten. We realiseren ons dat het ook voor studenten een zwaar studiejaar is geweest, dat in veel opzichten niet geboden heeft wat je als student verwacht van je studietijd. Ook voor hun inzet en veerkracht hebben we groot respect.

We zijn dan ook trots op alles wat in het afgelopen jaar toch is gerealiseerd. Letterlijk en figuurlijk is er veel gebouwd aan de hogeschool en bieden we studenten een prachtige, optimaal gefaciliteerde studie- en ontwikkelomgeving.

We zijn dankbaar voor al het werk dat is verzet en zijn vol vertrouwen voor de toekomst.

Verslag medezeggenschapsraad

In deze bijlage doet de medezeggenschapsraad (verder aangeduid als ‘MR’) van hogeschool Viaa verslag van de belangrijkste werkzaamheden uit het voorgaande jaar, haar eigen functioneren hierin en de voortgang van de projecten die naar aanleiding van de Kwaliteitsafspraken gemaakt zijn.

Bezetting

De medezeggenschapsraad bestaat uit twee delen. De personeelsgeleding (PMR) wordt momenteel gevormd door: Jaap Roose namens Social Work (Voorzitter MR), Rudolf Schaaf namens Health Care (Vicevoorzitter MR), Peter Bareman namens Theologie, Jan Jaap Zijlstra namens de Educatieve Academie en Sijgje de Jong-Roorda namens de ondersteunende diensten.

De studentgeleding (SMR) werd in 2021 gevormd door: Chantal Kattenberg (Secretaris MR / Voorzitter SMR) en Anne Roossink namens Health Care, Chris Jongejan namens de Pabo, Sjoerd Kramer namens Social Work en Daniel Vaders vanuit Theologie. Eind 2021 heeft Chantal het voorzitterschap overgedragen aan Anne om haar werk voor de MR af te ronden.

Belangrijkste thema's uit 2021

De samenwerking met het college van bestuur (verder aangeduid als CvB) verliep ook dit jaar goed. Er werd op een constructieve wijze gewerkt zonder noemenswaardige verschillen van inzicht over het te voeren beleid.

In 2021 was opnieuw de betrokkenheid bij de keuzes die gemaakt moesten worden omtrent de COVID-maatregelen een belangrijk deel van het werk van de medezeggenschapsraad. Er werd door de SMR een onderzoek uitgezet over de beleving van studenten met betrekking tot het online onderwijs en de aanbevelingen hieruit zijn uitvoering besproken. Waar het in 2020 ging om crisismanagement, ging het in 2021 meer om de juiste facilitering van de huidige manier van werken. Dit kreeg vorm in de doorontwikkeling van een thuiswerkregeling en betere faciliteiten om hybride les te kunnen geven binnen Viaa.

Naast de ieder jaar terugkerende belangrijke elementen uit ons werk, zoals de begroting en de OER hebben we dit jaar ook veel aandacht besteed aan de ontwikkeling van de nieuwe strategische koers en de wijze waarop onze hogeschool wordt aangestuurd. Zo waren we onderdeel van de procedure om tot een nieuwe directeur van de Educatieve Academie te komen en hebben we veel aandacht besteed aan de werkdruk en organisatorische problemen binnen de Academie Health Care.

Kwaliteitsafspraken

Waar we in 2020 vooral over het proces hebben geschreven, konden we dit jaar meer resultaten zien. Een deel hiervan zal vooral voor de betrokkenen van belang zijn en op de lange termijn zorgen voor een verbetering van het onderwijs; hierbij denken we aan project 1 (het aanstellen van docent coördinator projectleiders) en project 2 (de deelname aan het regionale innovatiecluster kind en educatie).

Andere projecten zijn duidelijker aanwezig zijn voor het personeel en studenten. Zo krijgen studenten regelmatig een uitnodiging om incidenteel of langdurig aan te haken bij het nieuwe honoursprogramma (project 3); er zijn inmiddels de eerste studenten afgestudeerd binnen de master Interprofessioneel werken met jeugd (project 4), is de Centrale Agora bijna af (Project 6) en is de aandacht die besteed wordt aan de plek van studentenwelzijn binnen de Hogeschool duidelijk vergroot (project 8). Dit laatste is niet enkel in mankracht uitgebreid, maar ook in exposure en aandacht die er binnen de opleiding aan wordt gegeven.

Binnen de doelstelling van project 5 (Intensivering professionalisering digitale competenties), project 7 (Digitale leeromgeving wordt toegankelijker en beter ingezet in het onderwijs) en project 9 (Flexibilisering onderwijs) heeft de MR een speciale rol gekregen. De MR participeert in de werkgroep onderwijsontwikkeling die bezig is met onderwijsvisie, het inbedden van de digitale leeromgeving en de daarvoor benodigde professionalisering van personeel.

Lopende zaken

Als MR kijken we terug op een intensief jaar waarin we niet op de gewenste wijze vorm konden geven aan de manier waarop we met collega’s in gesprek zijn over de keuzes die we maken. Door het vele thuiswerken waren de natuurlijke gespreksmomenten afwezig. Wel zijn we veelvuldig benaderd met vragen en zorgen vanuit het personeel. Zorgen rondom het ziekteverzuim bij Health Care en het secretariaat van de EA. Gedurende het jaar 2021 is hier ook een apart mailadres voor opgezet waar ook gebruik van gemaakt wordt. De huidige situatie binnen de Academie Health Care heeft onze aandacht en het ingezette proces van de uniformering van de ondersteunende diensten wordt door ons kritisch gevolgd. Ook zullen we in 2022 opnieuw een aanpassing moeten doen in het werkdrukbeleid, door wijzigingen in de cao. Wij blijven oog houden voor de drie focuspunten die we onszelf in 2019 hebben gegeven: Draagt hetgeen we bespreken bij aan de ontwikkeling van de student? Wordt het onderwijs hier ‘beter’ van, … en zo ja, hoe? En worden personeelsleden voldoende gefaciliteerd?

Kwaliteitsafspraken

De projecten die zijn ingediend voor de besteding van de Kwaliteitsgelden passen bij onze visie en ambities. De kenmerkende betrokkenheid van Hogeschool Viaa uit zich in het zien van elke student met de talenten, leerstijlen en mogelijke beperkingen die hij heeft. Dit faciliteren we met passende begeleiding en goede studiefaciliteiten. Op deze manier krijgt elke student voldoende ruimte om zich op een gezonde manier te ontplooien tot een hooggekwalificeerde, bezielde professional.

De projecten sluiten aan bij de manier van werken van Hogeschool Viaa, hierdoor zijn er in de eerste drie jaren al veel investeringen gedaan. De projecten Honoursprogramma en de master MIJ hebben we met behulp van de Kwaliteitsgelden goed kunnen opzetten. Deze projecten lopen nu als reguliere programma's in de organisatie. Investeringen in de studiefaciliteiten zijn grotendeels al uitgevoerd, met als meest zichtbare project de vernieuwde aula (Agora), waar studenten samenkomen om te werken en te ontmoeten. Ook op het gebied van ICT zijn de grootste projecten inmiddels uitgevoerd. De studenten waar de Kwaliteitsafspraken voor zijn bedoeld, kunnen daarmee profiteren van de investeringen die zijn gedaan.

Om dit mogelijk te maken was het zwaartepunt van de investeringen gepland in de eerste paar jaren. Door de coronacrisis hebben we het verloop van sommige projecten aangepast, maar terugkijkend op de afgelopen drie jaren zijn de projecten waar we mee van start zijn gegaan in 2019 juist ook van belang geweest om de uitdagingen van de coronacrisis op te vangen. Digitalisering en een eerste stap naar flexibilisering hebben als gevolg van het afstandsonderwijs een versnelling doorgemaakt. We konden kritisch kijken naar het belang van goede huisvesting en constateerden dat juist ook de kwaliteit van de ontmoeting in het gebouw van essentieel belang is én blijft. Kortom, de investering in een ontmoetingsruimte past nog altijd bij onze werkwijze van persoonlijke en betekenisvolle ontmoeting en blijft ook in de toekomst één van onze onderscheidende pijlers.

Waar we voornemens waren om met enige regelmaat studenten live te spreken over de voortgang van de Kwaliteitsafspraken, kon dat door de coronamaatregelen niet worden gerealiseerd en moesten we overschakelen naar veelal digitale ontmoetingen en nieuwsbrieven. Naast de updates die via diverse nieuwsbrieven werd gedeeld met de studenten, is begin december 2021 voor een kleine groep studenten een lunchbijeenkomst georganiseerd om de voortgang van de Kwaliteitsafspraken te bespreken. Naast het geven van een update, die ook breed naar alle studenten is verstuurd, was dit ook een moment om op te halen of de voortgang werd herkend. Er is besproken of de focus van de investeringen nog steeds aansluit bij de behoeftes van studenten. Daarin kwam naar voren dat juist thema’s als digitalisering, flexibilisering en studentenwelzijn belangrijk zijn en aandacht verdienen, waarmee bevestigd wordt dat de projecten die de aankomende jaren gepland staan, nog van onveranderd belang zijn.  Aansluitend kreeg deze groep alvast een rondleiding door de Agora in opbouw. Daarnaast zijn de diverse projecten telkens besproken met de MR en haar studentgeleding.

Nu de pandemie goeddeels achter ons ligt en de maatregelen worden opgeheven, zullen we ook in 2022 lunchgesprekken organiseren voor studenten, om hen te informeren over de voortgang en van gedachten te wisselen over uitvoering van de projecten. Belangrijke onderwerpen zijn de genoemde thema’s; digitalisering, flexibilisering en studentenwelzijn. Dit is ook van belang voor de verdere uitwerking van de plannen voor 2023 en 2024, die met name bij thema 5 en 6 nog nadere aanscherping behoeven.

De medezeggenschapsraad en raad van toezicht worden middels de tertaalrapportages structureel op de hoogte geworden van de vorderingen in de projecten. Daarnaast zijn wisselend projecten uitgelicht om meer diepgaand te bespreken in de reguliere vergaderingen. Ook is een afgevaardigde van de medezeggenschap lid van de werkgroep ICT & Onderwijsinnovatie, om op dit belangrijke thema goed aangehaakt te blijven.Op die manier houden we de vinger aan de pols of de uitvoering van de projecten nog voldoet aan de gestelde doelen of dat aanpassingen nodig zijn. Hiervoor verwijzen we ook naar de verslagen van medezeggenschapsraad en raad van toezicht, als onderdeel van dit jaarverslag.

De negen projecten worden aan de hand van de gestelde doelen per investeringsthema kort toegelicht. Vervolgens wordt de voortgang beschreven, inclusief een overzicht en toelichting op de realisatie, en wordt vooruitgekeken naar het vervolg in de projecten.

Thema 1: intensiever en kleinschalig onderwijs

Doel: docenten die door hun betrokkenheid op zowel student als werkveld op een bezielde manier kennis overdragen.

Project 1. Aanstellen van drie docent-coördinator-projectleiders Elke academie krijgt vanaf 2019 een docent-coördinator-projectleider, die de organisatie van projecten op zich neemt. Daarmee hebben docenten meer tijd voor studenten en onderwijs. Ook wordt de band met het werkveld versterkt, waardoor het onderwijs praktijkgerichter wordt en er meer mogelijkheden zijn voor opdrachten en stages in de praktijk.

Voortgang: De docent-coördinator-projectleiders zijn aangesteld en doen veel in de academies, met name op het gebied van organiseren van projecten waar ook studenten in deelnemen. Inmiddels zijn er nog twee DCP’ers bij gekomen, zij worden niet bekostigd middels de Kwaliteitsgelden.De DCP’ers staan aan de wieg van de ontwikkeling van STROOM, het programma waarmee de verbinding tussen onderwijs en werkveld verstevigd wordt, door deelname aan projecten en door een uitdagend professionaliseringsaanbod neer te zetten.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Werving en loonkosten 186 197
2020 Loonkosten 176 259
2021 Loonkosten 176 202

Monitoring: Er heeft een evaluatie met de drie academiedirecteuren heeft plaatsgevonden in juni 2021. De conclusie was: de functie van DCP’er heeft deels gebracht wat beoogd was. De betrokkenheid op het werkveld levert waardevolle inhoudelijke toevoegingen voor het onderwijs op, waar docenten en studenten van profiteren. De positionering van de DCP’ers wordt nader bekeken, zodat het (werk)drukverlagende aspect nog beter tot zijn recht komt. De samenhang tussen projecten in de verschillende academies verbetert door de samenwerking van de DCP’ers, dit is bijvoorbeeld zichtbaar in het gelijktrekken en versterken van het Kies op Maat-aanbod van minoren.De wervingskosten in 2019 waren lager, maar de loonkosten zijn hoger dan begroot, dit is opgevangen met reguliere bekostiging.Vooruitblik: De komende tijd wordt de inbreng van de DCP’er in de organisatie verstevigd door verdere professionalisering, waaronder bijscholing in projectmanagement in maart 2022. 

Project 2. Deelname regionaal innovatiecluster Kind en Educatie Docenten en studenten nemen vanaf 2019 deel aan interprofessionele leerteams, in samenwerking met het werkveld. Het innovatiecluster Kind en Educatie, een samenwerkingsverband tussen hbo en mbo in de regio Zwolle, levert praktijkopdrachten en andere stageplaatsen op. Docenten hebben kennis van interprofessioneel werken, dit is van belang in de beroepspraktijk. Docenten worden geschoold en hebben meer kennis van de beroepspraktijk, daarmee verbetert het onderwijs. Het cluster werkt mee aan de ontwikkeling van een Ad en master.

Voortgang: De uiteindelijk inzet in de projecten was door de coronamaatregelen met name in 2020 fors lager. In 2021 zijn in totaal tien studenten en zes docenten bij vijf verschillende leerteams aan de slag gegaan. Drie organisaties konden vanwege corona geen plekken leveren.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Deelname leerteams 40 40
2020 Deelname leerteams 82 40
2021 Deelname leerteams 66 61

Monitoring: Door de coronacrisis was de inzet in 2020 en 2021 lager dan begroot. Wel levert het innovatiecluster interessante projecten op, waar studenten én docenten van profiteren.

Vooruitblik: Omdat een aantal teams vertraging heeft opgelopen is een extra jaar subsidie aangevraagd en toegekend. De begrote middelen zullen daarom een jaar doorschuiven naar studiejaar 2023/2024, zodat de deelname met behulp van de Kwaliteitsgelden een jaar verlengd kan worden.De deelname aan het innovatiecluster heeft daarnaast ook andere zaken opgeleverd, zoals de gezamenlijke ontwikkeling van de Ad-opleiding Didactisch Educatief Professional.

Thema 2: onderwijsdifferentiatie, waaronder talentontwikkeling binnen en buiten de studie

Doel: realiseren van een gevarieerd onderwijsaanbod, dat aansluit op de wensen en behoeftes van de beroepspraktijk.

Project 3. Ontwikkelen Honoursprogramma In september 2020 gaat het Honoursprogramma van start, waarmee extra uitdaging wordt geboden aan studenten die meer willen en kunnen. Studenten kunnen zich breder ontwikkelen, en kunnen zich met het bijbehorende certificaat onderscheiden als hooggekwalificeerde en bezielde professional. Studenten en docenten worden geselecteerd op basis van het Viaa Excellentie Model. Docenten nemen alternatieve en uitdagende werkvormen mee naar het reguliere onderwijs, wat een positief effect heeft op de kwaliteit van onderwijs.

Voortgang: Het Honoursprogramma is in studiejaar 2021/2022 gestart met een tweede lichting studenten, er is zowel onder studenten als medewerkers animo om mee te doen. Het programma heeft verbindingen met projecten in het werkveld opgeleverd, zoals met Red een Kind en Icare JGZ.De eerste lichting van 8 studenten en 3 docenten heeft een certificaat ontvangen.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Inventarisatie en programmaontwikkeling 10 20
2020 Curriculum ontwikkeling en voorbereiding 60 48
2021 Doorontwikkeling 33 43

Monitoring: September 2021 heeft de eerste evaluatie plaatsgevonden. Geconcludeerd werd dat het programma inhoudelijk doet wat beoogd werd; deelnemers, zowel studenten als docenten, leren zichzelf kennen en buiten de standaard kaders te denken. Dit is een waardevolle toevoeging voor zowel de persoonlijke ontwikkeling, als de ontwikkeling van het onderwijs. Gedurende het jaar zijn al enkele aanpassingen gedaan, dit zal een blijvende ontwikkeling zijn.

In de voorbereiding is er minder personele inzet nodig geweest dan begroot, in de doorontwikkeling is er juist extra geïnvesteerd. Voor de tweede ronde hebben zich elf deelnemers gemeld. Dit is een mooi aantal voor de insteek van het programma.

Er wordt geregeld een update verstuurd naar alle studenten over de activiteiten van het programma, ook kunnen studenten en medewerkers regelmatig deelnemen aan bijvoorbeeld webinars of lezingen van externen.

Vooruitblik: Nu de opstartfase voorbij is, hebben nieuwe coördinatoren hebben de sturing van het Honoursprogramma voortgezet, als regulier onderdeel van ons opleidingsportfolio. De relatie met het reguliere onderwijsprogramma en de instroom van studenten in het programma blijft de komende tijd een punt van aandacht. De vermelding zal ook worden opgenomen op het diplomasupplement, om zo nog meer waarde te geven aan de deelname aan het programma.

Project 4. Ontwikkelen Master Interprofessioneel werken met Jeugd In september 2019 gaat de 2-jarige interprofessionele master Werken met Jeugd van start. Studenten hebben zo de mogelijkheid om door te studeren na hun bachelor. Docenten worden uitgedaagd en ontwikkelen zich op het gebied van interprofessioneel werken, dit heeft een positief effect op het reguliere onderwijs.

Voortgang: De eerste masterdiploma’s zijn uitgereikt. De instroom groeit, in studiejaar 2021/2022 kreeg de master 20 nieuwe studenten. De kruisbestuiving met andere opleidingen vindt ook plaats, de minor interprofessioneel werken is toegankelijk voor alle studenten. En de expertise die we in huis hebben met de master zal ook worden ingezet in het curriculum van de bacheloropleidingen. Interprofessioneel werken blijft één van de onderscheidende kenmerken van Hogeschool Viaa de komende jaren.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Curriculum ontwikkeling en voorbereiding, proces nieuwe opleiding, opstartfase 172 172
2020 Onderzoek ontwikkelen nieuwe track 5 4
2021 Implementatie en evaluatie Reguliere bekostiging  

Monitoring: Naast de reguliere kwaliteitszorginstrumenten die in de afgelopen twee jaar zijn ingezet, vindt in 2022 de accreditatie plaats van de master.Er is vanuit studenten voldoende belangstelling voor de opleiding. Er is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor een aparte track binnen de master. Gedurende het onderzoek is geconcludeerd dat een aparte track niet van voldoende toegevoegde waarde is om verder te ontwikkelen.

Vooruitblik: In afwachting van de accreditatie van de NVAO, worden de voorbereidingen getroffen voor het nieuwe studiejaar 2022/2023, waarvoor de aanmeldingen al binnenkomen.

Thema 3: verdere professionalisering van docenten

Doel: docenten zijn voldoende uitgerust om digitale leermiddelen in te zetten in het onderwijs.

Project 5. Intensivering professionalisering digitale competenties Docenten worden geschoold op het gebied van ICT, zodat zij beter digitale lesmethoden kunnen inzetten in het onderwijs. Docenten volgen jaarlijks cursussen op het gebied van digitalisering, zodat zij beter en meer gevarieerd de digitale technieken kunnen inzetten in het onderwijs.Per academie worden twee pioniers ingezet om nieuwe digitale mogelijkheden te onderzoeken. Nieuwe digitale lesmethoden worden getest in samenwerking met studenten, hierdoor innoveert het onderwijs en sluit de inhoud beter aan bij de praktijk.

Voortgang: In 2019/2020 is de toetssoftware TestVision geïmplementeerd. De scholing voor het gebruik hiervan heeft in 2019 en 2020 plaatsgevonden, voor zowel de projectgroep als een docentenvoortrekkersgroep.

Docenten hebben door het plotseling noodzakelijke thuisonderwijs door de lockdowns vanaf 2020 grote stappen gemaakt in het vertrouwd raken met de digitale systemen. Vanuit elke academie zijn in januari 2021 twee docenten aangesteld (0,6 fte per academie) om met de werkgroep ICT en Onderwijsinnovatie de komende vier jaar de ontwikkelingen op het gebied van hybride onderwijs te doordenken, te onderzoeken en te ontwikkelen. Er was een groep docenten in elke academie die samen met de ICT-afdeling beschikbaar was voor de ondersteuning van docenten. De werkgroep zal adviseren over verdere professionalisering.

Door de coronacrisis zijn er nog geen structurele (groeps-)cursussen geweest, incidentele en individuele professionalisering heeft wel plaatsgevonden. De Teams-scholing is daarmee voornamelijk een zelflerend traject geweest.  In elke academie is steeds begeleiding en voorlichting geweest door aangewezen ICT-mensen.

Op het gebied van bewustwording van het belang van ICT in didactiek kon worden aangesloten op de bestaande praktijk, maar werd ook Viaa-breed een vervolgstap gezet. Op 1 september 2020 is de personeelsbijeenkomst Viaa Doet gebruikt voor dit doel. Een externe spreker heeft met een inleidende schets de contouren uitgezet van ‘digitale intelligentie’, daarna is hier, aan de hand van een filmpje, een meer praktische insteek aan gekoppeld door de projectgroep ICT.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Werving en loonkosten 186 197
2020 Loonkosten 176 259
2021 Loonkosten 176 202

Monitoring: Doordat er geen gefaseerde en gemeenschappelijke scholing voor het gebruik van Teams kon plaatsvinden, maar veel begeleiding ad hoc en individueel moest gebeuren, zijn de investeringen hoger uitgevallen dan begroot. Omdat veel zaken direct in de praktijk werden gebracht is de inbedding op deze manier veel beter en grondiger, dus kwalitatief is dit een waardevolle investering geweest.

De inzet van de pioniers is verder uitgebreid dan aanvankelijk het plan was. Het belang van het doordenken van een goede set aan onderwijsmiddelen, waaronder de digitale mogelijkheden, gekoppeld aan de onderwijsvisie, vraagt meer van de organisatie. Daarmee wordt slechts een deel bekostigd met de Kwaliteitsgelden en zal een deel vanuit de reguliere bekostiging worden aangevuld.

Juni 2020 is een onderzoek onder studenten en docenten uitgevoerd, naar hun ervaringen met thuisonderwijs en digitalisering. Op dat moment kon worden geconcludeerd dat studenten over de hele linie behoorlijk tevreden waren over het online onderwijs.

Daarnaast hebben de studenten uit de Medezeggenschapsraad een onderzoek uitgezet naar thuisonderwijs en het gebruik van digitale middelen. Hiermee werd het beeld bevestigd dat een mix van digitale en fysieke activiteiten voor de meeste studenten de voorkeur geniet. Daarbij werd betrokkenheid en gezien en gekend worden als blijvend uitgangspunt voor onze hogeschool onderstreept. De uitkomst van deze enquête is meegenomen door de werkgroep.

Vooruitblik: In de jaren 2021 t/m 2024 zal de werkgroep ICT en Onderwijsinnovatie aan de slag gaan met de opdracht die zij hebben gekregen. De leden van de werkgroep worden hierin gefaciliteerd met een substantieel aantal uren (0,6 fte per academie). Gedurende die periode zal de behoefte aan professionalisering zich uitkristalliseren en verder plaatsvinden. De ontwikkeling van digitale competenties is opgenomen in het professionaliseringsplan en wordt daarmee ook onderdeel van de voortgangscyclus.

Thema 4: passende en goede onderwijsfaciliteiten

Doel: realiseren studiefaciliteiten die flexibel, gepersonaliseerd en blended learning mogelijk maken.

Project 6. Creëren centrale AgoraDe buitenruimtes (2019) en de aula en restaurant (2021) worden verbouwd, zodat er meer en betere plekken zijn om geconcentreerd te werken, te overleggen en te ontspannen. De nieuwe Agora maakt de ‘betekenisvolle ontmoeting’ mogelijk, de studieruimte in de hogeschool is aansprekend en toegankelijk, heeft voldoende mogelijkheden om te overleggen, mobiele devices aan te sluiten, elkaar te ontmoeten en te ontspannen. Dit heeft een positieve invloed op het studiesucces.

Voortgang: Het buitenterrein met picknicktafels is in 2019 in gebruik genomen. Studenten kunnen buiten werken en elkaar ontmoeten. De verbouwing van de agora kon vanwege de coronacrisis niet in 2020 worden uitgevoerd, maar is een jaar later alsnog in gang gezet. Op 9 februari 2022 is de ruimte conform planning in gebruik genomen.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Fases voorlopig naar definitief ontwerp, renovatie buitenruimte 660 622
2020 Voorbereiding uitvoering 1.160 76
2021 Renovatie mediatheek aula en multifunctionele zaal, voorbereiding annex. 600 1.365

Monitoring: In de voorfase zijn studenten en medewerkers uitgebreid gehoord over de vormgeving en inrichting van de Agora. Voor en tijdens de verbouwing zijn studenten op de hoogte gehouden van de voortgang door een digitale nieuwsbrief.

De verschillende functies van de ruimte worden goed zichtbaar in het dagelijks gebruik door studenten en docenten. Er zijn voldoende stopcontacten om samen te werken, studenten zitten samen met docenten voor individuele gesprekken, de afgesloten ruimtes worden benut voor bijeenkomsten en de weg naar de mediatheek is heel natuurlijk.

In de planning wordt in fase 1 de catering beschreven, dit is uiteindelijk uit het project Agora gehaald en geplaatst in het project Annex, dit betreft de renovatie van de aanbouw. De Annex is een fysiek deel aansluitend bij de Agora. Qua demarcatie betekent dit dat er meer ruimte beschikbaar is gekomen voor de ontmoeting, werkplekken zijn voorzien van voldoende stopcontacten. Fase 1 in wordt pas in 2022 uitgevoerd, dat verklaart het verschil tussen begroting en realisatie.

Vooruitblik: De bouw van de catering/restaurant in de aanbouw, het project Annex, is eveneens uitgesteld. Het project Annex start uiterlijk juli 2022, aansluitend op de verbouwing van de Agora. Dit project bevindt zich in de fase van opdrachtverstrekking.

Project 7. Digitale leeromgeving wordt toegankelijker en beter ingezet in het onderwijsOnderwijsOnline wordt ingevoerd in 2019, Osiris wordt ingevoerd in 2021. Er worden 100 extra computers aangeschaft. Informatie en lesmateriaal wordt overzichtelijk gepresenteerd, het is makkelijker om informatie te vinden. Er zijn meer mogelijkheden om digitale onderwijsmethoden te gebruiken, zoals weblectures of online ontmoetingsplekken. Dit zorgt voor gevarieerder en flexibeler onderwijs, meer onderwijs op afstand is mogelijk.

Voortgang: OnderwijsOnline is sinds 2019 in gebruik. Studentinformatiesysteem Osiris is in 2021 ingevoerd, dit is een omvangrijk, gecompliceerd project, dat uiteindelijk voordeel kan opleveren voor een aantal processen en toekomstige ontwikkelingen.Met OnderwijsOnline ligt er een belangrijke basis voor de digitale leeromgeving. De verdere uitbouw hiervan zal de komende jaren plaatsvinden, met, als pioniers, de werkgroep ICT en Onderwijsinnovatie.

Er is de afgelopen jaren hard gewerkt aan de basis, de komende jaren worden hier naar verwachting de vruchten van geplukt.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Inrichting en ingebruikname OnderwijsOnline. 105 43
2020 Verrijken leeromgeving Onderwijs Online. Ingebruikname Teams. Voorbereiding Osiris, koppeling met Onderwijs Online. 103 240
2021 Ingebruikname Osiris 42 110

Monitoring: Waar aanvankelijk werd gedacht dat Sharepoint een belangrijk systeem zou zijn voor het verzamelen en presenteren van informatie, bleek dit in de praktijk vooral aan de achterkant handig te zijn. De inzet van de voorgestelde projectgroep is derhalve kleiner geweest, de kosten voor consultancy en de projectgroep Osiris zijn echter fors hoger dan begroot. Door de komst van Osiris moest de hele inrichting van het inleverloket opnieuw gebeuren. De koppeling Osiris / OnderwijsOnline  is weliswaar in het gebruik heel handig, maar heeft een flinke (onvoorziene) kostenpost met zich meegebracht.

De invoering van Osiris heeft overlast voor studenten en medewerkers opgeleverd. De laatste zaken moeten nog worden geïmplementeerd.

De ontwikkeling van de onderwijscatalogus is door de komst van Osiris enigszins vertraagd. Nu Osiris beschikbaar is kan de onderwijscatalogus daarin worden meegenomen.

Vooruitblik: De onderwijscatalogus wordt op dit moment ingericht en zal halverwege 2022 opgeleverd worden. Kennisclips en podcasts zijn nog niet op grote schaal ontwikkeld, dit wordt nu opgepakt door de werkgroep ICT en Onderwijsinnovatie.

Thema 5: Meer en betere begeleiding van studenten

Doel: een veilige leeromgeving, waarbij het welzijn van studenten voorop staat.

Project 8. Prominentere plek studentenwelzijn in onderwijs en organisatie Inzet op studentenwelzijn door uitbreiding van de uren van studentendecanen, het beter stroomlijnen van de (psychologische) ondersteuning, door aanstelling en scholing van zeven suïcidepreventie-contactpersonen. Studenten die dreigen vast te lopen worden sneller herkend en beter doorverwezen naar passende hulp en begeleiding is beter op maat. Dit zorgt voor minder uitval of vertraging. Een volgende stap hierbij is het instellen van een multidisciplinair overleg voor studenten met complexe problematiek, dit staat gepland voor 2023.

Daarnaast krijgt het welzijn van de student vanaf 2023/2024 een duidelijkere plek in het curriculum. Alle studenten ontvangen vorming op het vlak van welzijn, waardoor zij meer studiesucces en een goede startpositie op de arbeidsmarkt hebben.

Voortgang: Het begeleidingsteam (decanen en studentenpastors) zijn nog beter op elkaar afgestemd, zij hanteren geen wachtlijsten meer, maar hebben eerste screeningsgesprekken om te kunnen beoordelen of en hoe urgent de hulpbehoefte is. Dit draagt bij aan studentenwelzijn en onnodige studieuitval. De problematiek onder studenten is door corona geïntensiveerd.De aanstelling en scholing van suïcidepreventie-contactpersonen is een doorgaand proces, maar heeft in 2021 niet plaatsgevonden ten gevolge van de coronabeperkingen.

Alle bedragen x € 1.000

  Activiteit Begrote investering Gerealiseerde investering
2019 Herinrichting decanaat 56 56
2020      
2021 Intensivering suïcide-preventie 2 0

Monitoring: Het decanaat en het studentenpastoraat is uitgebreid, in eerste instantie met 0,2 fte. Maar in 2020 bleef de vraag groeien, dus is de uitbreiding uiteindelijk 0,6 fte bij het decanaat en 0,3 fte bij het studentenpastoraat geworden.

Vooruitblik: De komende tijd worden de curricula opnieuw onder de loep genomen, daarin wordt studentenwelzijn als thema meegenomen.

Thema 6: Studiesucces

Doel: studiesucces bevorderen door het onderwijs meer op maat te maken.

Project 9. Flexibilisering onderwijsVanaf 2023/2024 wordt een kaderrooster ontwikkeld, waarbij studenten kunnen kiezen hoe ze hun onderwijsroute volgen. Twee EVC-professionals worden aangesteld om een onderwijscontract op maat mogelijk te maken.

Flexibilisering heeft een positief effect op het studiesucces. Studenten kunnen hun eigen leerroute samenstellen, gebaseerd op de eigen wensen en voorkeuren. Er wordt beter aangesloten op ervaring die elders is opgedaan. Studenten met functiebeperkingen hebben meer mogelijkheden voor onderwijs op maat.

Voortgang: De deeltijdopleiding Social Work zet de eerste stappen in het werken met EVC, de ervaringen hiermee worden meegenomen in de verdere implementatie.

Vooruitblik: In de lunchsessies met studenten in het voorjaar van 2022 en de ontwikkeling van de curricula wordt verder uitgewerkt op welke manier flexibilisering zal worden vormgegeven. Hierbij wordt ook uitgegaan van de ervaringen die we tijdens de coronaperiode hebben opgedaan. Daarnaast wordt vooruitgekeken naar de behoeftes vanuit het principe Leven Lang Ontwikkelen.

Ontvangen en bestede middelen

Alle bedragen x € 1.000

      2019   2020   2021   Totaal
  Totaal ontvangen   400   487   827   1.714
  Totaal begroot   124   1.620   1.018   3.874
  Totaal besteed   757   714   2.024   3.495

Horizontale verantwoording

Hogeschool Viaa hecht groot belang aan goede interactie met haar omgeving. Beroepsonderwijs vergt een goede dialoog met diverse betrokkenen. Hogeschool Viaa is een kleinschalige hogeschool met grote betrokkenheid op elkaar. De informele communicatielijnen leveren veel informatie op, waar makkelijk op geacteerd kan worden.

Een hogeschool functioneert niet op zichzelf, maar verricht haar taken in netwerken van werkveld, collega-instellingen, toeleverend onderwijs etc. Dat geldt voor de hogeschool in het algemeen, maar ook voor het werk van academies in het bijzonder. Dat betekent dat er naast horizontale verantwoording op hogeschoolniveau ook sprake is van meer specifieke verantwoording naar werkveld, personeel, studenten, toeleverende scholen binnen academies, als het gaat om opleiding, onderzoek en dienstverlening. Dat uit zich onder andere in overleg binnen de zogenaamde werkveld- en opleidingscommissies.

In mei is een uitvraag gedaan onder studenten en medewerkers naar de beleving van onderwijs en thuiswerken tijdens de coronacrisis. De uitkomst van dit onderzoek is teruggekoppeld en het beleid van de hogeschool is getoetst aan de resultaten van het onderzoek. Dit heeft geleid tot enkele aanpassingen, met name op het gebied van studentenwelzijn.

Rechtsbescherming studenten en medewerkers

Bij het Meldpunt Klacht en Geschil zijn in 2021 vier klachten van studenten binnengekomen. De klachten kwamen veelal voort uit communicatieproblemen of organisatorische discrepanties. Het gesprek is hierover aangegaan, daarnaast is gekeken of er meer structurele oplossingen zijn te vinden, om dergelijke situaties te voorkomen.

In 2021 zijn er geen klachten van medewerkers binnengekomen bij de Bezwarencommissie functiewaardering, Klachtenregeling Gereformeerd Onderwijs en de Geschillencommissie Medezeggenschapsorganen en Commissie van beroep hbo.

Bezoldigingsbeleid

College van bestuur

De raad van toezicht heeft in oktober 2007 de hoofdlijnen van het Bezoldigingsbeleid van het college van bestuur vastgesteld. De rechtspositie van de leden van het college van bestuur is destijds herzien op basis van de ‘Uitwerking bezoldiging toezichthouders hogescholen’, op voorstel van de Remuneratiecommissie. Op de website van Hogeschool Viaa is de actuele uitwerking van de hoofdlijnen weergegeven. De voorzitter van het college van bestuur heeft een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. De hoogte van de vaste bezoldiging staat aangegeven in onderstaande tabel. Voor het college van bestuur is geen variabele beloning van toepassing. Op de arbeidsovereenkomst van het college van bestuur is de cao-hbo niet van toepassing. De pensioenafspraken volgen de lijnen van de cao-hbo. Aan het college van bestuur is met ingang van 1 juli 2007 de mogelijkheid van een leaseauto ter beschikking gesteld.

Bezoldiging college van bestuur 2021

De bezoldigingsgegevens voor het college van bestuur van Hogeschool Viaa sluiten aan op het begrippenkader van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector (WNT). De sociale werkgeverslasten zijn geen onderdeel van de bezoldiging, omdat de hoogte van deze premies (die voor rekening van de werkgever komen) niet samenhangen met de hoogte van het inkomen van de bestuurder, maar met factoren als leeftijd en de keuze voor eigen risicodragerschap van de hogeschool. Voor een specificatie van de beloningen wordt verwezen naar de pragraaf 1a van het bezoldigingsbeleid in de jaarrekening (Model WNT).

Tabel 2: Overzicht declaraties CvB 2021

Naam Jaar Representatie-kosten Reis- en verblijfskosten Overige kosten Totaal
D. Wakker, voorzitter CvB 2021 0,00 0,00 0,00 0,00
D. Wakker, voorzitter CvB 2020 0,00 3.333,21 0,00 3.333,21

Notitie Helderheid

Thema Opmerkingen/toelichting
Uitbesteding Er worden geen delen van het onderwijs uitbesteed aan andere (niet-bekostigde) onderwijsinstellingen.
Investeren van publieke middelen in private partijen Viaa investeert geen publieke middelen in private partijen. Ultimo 2021 is de stand van de private reserve € 489.000 positief.
Verlenen van vrijstellingen Voor het verlenen van vrijstellingen bestaat binnen Viaa een algemeen beleidskader. De beoordeling ligt bij de afzonderlijke examencommissies. Het is geregeld in het Studentenstatuut en de Onderwijs en Examenregeling (zie ook hoofdstuk Algemeen en hoofdstuk 3, Onderwijs en onderzoek, par. Relatie met andere opleidingen).
Bekostiging van buitenlandse studenten Geen.
Collegegeld niet door de student zelf betaald Er is geen noodfonds of iets dergelijks. Het komt wel voor dat derden (bijvoorbeeld ouders, werkgevers) de collegegelden betalen.
Studenten volgen modules van opleidingen Komt voor als tweede studiekeus of in het kader van Kiezen op Maat; dan verrekening van hbo-instellingen onderling.
De student volgt een andere opleiding dan waarvoor hij is ingeschreven Komt niet voor.
Bekostiging van maatwerktrajecten Komt voor, bijvoorbeeld POH en SPICE: hiervoor worden de kosten bij de ‘partners’ in rekening gebracht en komen derhalve niet ten laste van de publieke middelen, tenzij er een publiek belang mee wordt gediend. Een en ander staat los van de bekostiging door het Rijk. Het gaat hier om private maatwerktrajecten.
Bekostiging van kunstonderwijs Niet van toepassing.

Samenwerkingsverbanden

De keuze voor het aangaan van samenwerkingsverbanden moet aansluiten bij de plek in de samenleving die we hebben en onze betrokkenheid op maatschappelijke vraagstukken en opgaven. Daarom hechten we veel waarde aan de samenwerking met partijen die dezelfde verbondenheid met die vraagstukken en opgaven voelen.  Daarbij hebben we de overtuiging dat onze identiteit en levensovertuiging niet zozeer de grondslag voor samenwerking is, maar wel dat het extra betekenis geeft. 

Naast veel landelijke gremia, zoals het Landelijk Overleg Pabo’s (Lobo), de Vereniging Hogescholen, Kenniscentra Wetenschap en Techniek, de verschillende vakgerichte gremia voor docenten, 10voordeleraar, zijn er ook veel regionale verbanden waarvan de Educatieve Academie deel uitmaakt. Zonder uitputtend te zijn:

  • Het samen met zorginstellingen en gemeenten vormgegeven Kenniscentrum Zorg, Onderwijs en Gemeente. Daar proberen we de domeinen dichter bij elkaar te brengen.
  • De Campus Kind & Educatie, een initiatief van lokale onderwijsinstellingen (ROC Landstede, KPZ en Hogeschool Viaa), heeft als doel alle op het kindgerichte beroepen in Zwolle bij elkaar te brengen.
  • De Zw8lse, een samenwerkingsverband van alle middelbare en hogere onderwijsinstellingen in Zwolle.
  • Samenwerkingsverband Scope is een belangrijke motor voor onderwijsverbetering in de regio. De afstemming van theorie en praktijk is door deze samenwerking geborgd.
  • Het samenwerkingsverband Radiant, een groep van negen pabo’s, die zich o.a. bezighoudt met gezamenlijke kennisontwikkeling.
  • In wisselende samenstelling met verschillende collega-instituten over ontwikkelingen binnen de bachelor en masters met betrekking tot Leren en Innoveren (MLI), Academie voor schoolleiders (Penta Nova) en Interprofessioneel werken met jeugd (MIJ).
  • RegioOpleiders, een samenwerkingsverband met onderwijs en werkveld in een zelfstandige coöperatie, waarin Hogeschool Viaa participeert.

Nationaal Programma Onderwijs

De coronacrisis heeft effect gehad op het mentale welzijn en de studievoortgang van studenten. Daarnaast hebben instellingen in het hoger onderwijs veel extra kosten moeten maken om de gevolgen op te vangen en was er in 2020 een relatief grote instroom van studenten. Daarom heeft het kabinet besloten tot een Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Hierbij zijn substantiële middelen beschikbaar gesteld om knelpunten rond de gevolgen van de coronacrisis op te lossen.

Een deel van de middelen is geoormerkt; de medezeggenschapsraad heeft instemmingsrecht op de plannen die zijn gemaakt ten behoeve van de achterstanden bij studenten. Deze gelden moeten in 2021 en 2022 worden besteed.

Bij het maken van de plannen voor deze extra maatregelen is een eerste uitvraag gedaan bij de opleidingen en de opleidingscommissies. Daaruit kwam naar voren dat vooral behoefte was aan begeleiding van studenten, zowel mentaal als in studievoortgang, en werd aangegeven dat groepsvorming en binding met het onderwijs achterbleef. Bij de opleiding hbo-v was ook een extra investering op het gebied van stageplekken nodig. De plannen zijn als onderdeel van de Hoofdlijnen begroting voorgelegd aan de medezeggenschapsraad, die in juni 2021 hiermee heeft ingestemd.

Doordat de middelen pas in de loop van het jaar bekend waren, is het lastig gebleken om het beschikbare bedrag al in 2021 geheel in te zetten.  Vanuit de NPO-gelden is er 0,8 fte extra secretariële ondersteuning ingezet, om het extra organisatorische werk bij het regelen van toetsen en individuele begeleiding bij praktijkopdrachten op te vangen.In het plan is opgenomen dat het decanaat met 0,4 fte wordt uitgebreid, dit is voor de zomer gerealiseerd.Er is veel geïnvesteerd in extra personele inzet om het docententeam te verlichten, bijvoorbeeld in de begeleiding van studenten of het nakijken van toetsen. Door gebruik te maken van urenuitbreidingen en het bestaande netwerk aan te spreken, zoals alumni, is het gelukt om dit op korte termijn te realiseren. Ook zijn twee studiecoaches aangesteld, die beschikbaar zijn bij belemmeringen op het gebied van studievoortgang. Bij de opleiding hbo-v zijn extra uren toegekend voor de mentale begeleiding van studenten; juist deze groep heeft (onder andere in de stages) in deze tijd van corona vaak veel meegemaakt.

Het deel van de plannen dat zich richt op activiteiten om de groepsvorming en persoonlijke ontwikkeling te stimuleren zal later nog worden ingezet.. Zo kon de training Mindfit nog niet worden uitgevoerd; dit wordt doorgeschoven naar 2022. De ontwikkeling van het leerplein, een plek waar remediërende activiteiten kunnen worden ingezet, is wel gestart, en wordt in gebruik genomen in 2022.

Versie:
v6.1.1

Met iWink Report maak je professionele online publicaties. Publicaties die je online, in print en als PDF-download kunt aanbieden.

En daarmee voldoe je direct aan de WCAG-wetgeving rond digitale toegankelijkheid.

Eenvoudig, veilig en efficiënt.

Meer over iWink Report